De studie combineert vastgoeddata met kredietgegevens en geeft zo een scherp beeld van de evolutie op de Belgische woningmarkt. Vooral in Vlaanderen presteren woningen het best op vlak van energie-efficiëntie, maar ook in Brussel en Wallonië is een duidelijke vooruitgang zichtbaar. Tegelijk groeit opnieuw de interesse in renovatiekredieten, al verschilt de dynamiek sterk per regio.

Daling van energieverslindende woningen
Het aandeel woningen met een slecht energielabel is de voorbije jaren aanzienlijk gedaald. In Vlaanderen gaat het om een afname van 40% naar 22%, terwijl Wallonië daalde van 44% naar 26% en Brussel van 44% naar 32%. Deze evolutie wijst op een geleidelijke verbetering van het bestaande vastgoedbestand.Tegelijk neemt het aantal energiezuinige woningen toe. In Vlaanderen beschikt inmiddels 64% van de woningen over een A-, B- of C-label. In Wallonië ligt dat aandeel op 38%, terwijl Brussel achterblijft met 29%.
Meer woningen met betere energielabels
De stijging van woningen met gunstige energielabels is significant. In Brussel groeide het aandeel van 13% naar 29%, terwijl Wallonië een stijging kende van 22% naar 38%. In Vlaanderen nam het aandeel woningen met label A of B toe van 22% naar 41%.
Deze trend toont aan dat zowel nieuwbouw als renovaties bijdragen aan een energiezuiniger woningaanbod, al blijft de vooruitgang ongelijk verdeeld over de verschillende gewesten.
Renovatie opnieuw in de lift
Na een periode van stagnatie zit renovatie opnieuw in de lift. Het aantal kredieten voor renovatiewerken steeg met 5% in 2024 en met 8% in 2025. Vooral in Brussel (+51%) en Wallonië (+24%) is er een sterke groei zichtbaar, terwijl Vlaanderen nagenoeg stabiel blijft.Deze cijfers wijzen op een hernieuwde focus van gezinnen op het verbeteren van de energieprestatie van hun woning, mede onder invloed van stijgende energieprijzen en strengere regelgeving.
Tempo blijft onvoldoende voor klimaatdoelen
Ondanks de positieve evolutie blijft het renovatietempo te laag om de langetermijndoelstellingen te halen. De huidige snelheid van renovaties volstaat niet om het volledige woningbestand tegen 2050 op het gewenste energieniveau te krijgen.Bovendien blijkt dat de beoordeling van energieprestaties sterk afhankelijk is van regionale normen. Bij een geharmoniseerde schaal zouden de verschillen tussen de gewesten er anders uitzien, wat het belang van uniforme regelgeving onderstreept.
Grote regionale verschillen
De analyse toont duidelijke verschillen tussen de gewesten. Vlaanderen blijft koploper op vlak van energie-efficiëntie, terwijl Brussel en Wallonië nog een inhaalbeweging moeten maken. Tegelijk is de renovatiedynamiek net sterker in die laatste twee regio's.
- Vlaanderen: hoogste aandeel energiezuinige woningen
- Wallonië: sterke groei in renovaties
- Brussel: snel stijgende renovatieactiviteit
De combinatie van verbeterende energieprestaties en een heropleving van renovaties wijst op een positieve evolutie, maar maakt ook duidelijk dat bijkomende inspanningen nodig blijven om de doelstellingen op lange termijn te realiseren.

