Vooral etnische discriminatie vertoont duidelijke geografische verschillen: in Europa ligt die op de huurmarkt gemiddeld 16% hoger dan in Noord-Amerika. De overzichtsstudie, onder leiding van prof. Pieter-Paul Verhaeghe (VUB), bundelde de resultaten van 114 studies uit 31 landen en omvat meer dan een half miljoen huurapplicaties. Nooit eerder werd huurdiscriminatie op zo'n brede schaal in kaart gebracht.
Grote overzichtsstudie naar huurdiscriminatie
Tal van studies tonen aan dat etnische minderheden worden gediscrimineerd op de woningmarkt. In België worden huurkandidaten met een vreemd klinkende naam bijvoorbeeld veel minder vaak uitgenodigd voor een plaatsbezoek dan vergelijkbare kandidaten met een Belgisch klinkende naam."Toch was onze kennis erg beperkt met betrekking tot andere kwetsbare groepen op de woningmarkt, de verschillen in discriminatie tussen landen en de evolutie doorheen de tijd",
stelt prof. Verhaeghe.
"Het zijn precies deze vragen die ons nieuw onderzoek beantwoordt."
De onderzoekers vergeleken discriminatie op de huurmarkt voor vijf wettelijk beschermde discriminatiegronden: etnische afkomst, gender, fysieke of mentale beperking, seksuele geaardheid en sociaaleconomische positie, zoals sociale klasse of inkomen. Daarvoor analyseerden ze alle beschikbare praktijktesten naar huurdiscriminatie die wereldwijd tussen 2002 en 2024 werden uitgevoerd. Bij praktijktesten sturen onderzoekers fictieve huurverzoeken naar echte huuradvertenties. De kandidaten zijn op alle relevante kenmerken quasi-identiek, met uitzondering van de beschermde eigenschap die wordt onderzocht, zoals etnische afkomst of gender. Zo kunnen onderzoekers nagaan of bepaalde groepen anders worden behandeld door vastgoedmakelaars of verhuurders.
In totaal werden 114 studies geanalyseerd, met samen meer dan een half miljoen huurapplicaties uit 31 landen.
Niet alle kwetsbare groepen worden even sterk gediscrimineerd
De resultaten tonen dat etnische minderheden, mensen met een handicap en mensen met een precaire sociaaleconomische positie het sterkst worden gediscrimineerd op de huurmarkt. Zij hebben gemiddeld ongeveer 20% minder kans op een positieve reactie van verhuurders of vastgoedmakelaars.
Prof. Verhaeghe:
"Wanneer mensen aan huurdiscriminatie denken, gaat het al snel over etnische afkomst. Onze studie toont dat dat inderdaad een van de belangrijkste discriminatiegronden is, maar dat mensen met een handicap of een precaire sociaaleconomische positie even hard worden getroffen. Dit versterkt de ongelijkheid in onze maatschappij."
Ook mannen en holebi's worden wereldwijd gemiddeld 4% minder vaak uitgenodigd voor een plaatsbezoek. Deze vormen van discriminatie worden evenwel niet teruggevonden op de Belgische huurmarkt. Binnen de etnische discriminatie zijn de verschillen eveneens groot. Wereldwijd worden kandidaten met een Turkse of Maghrebijnse naam het sterkst benadeeld: zij krijgen gemiddeld 28% minder positieve reacties. Kandidaten met een Afrikaanse, Oost-Europese of Aziatische naam krijgen 15 tot 18% minder positieve reacties. Huurkandidaten met een Zuid-Amerikaanse achtergrond worden met gemiddeld 6% minder positieve reacties het minst sterk benadeeld.
Meer etnische discriminatie in Europa dan in Noord-Amerika
De onderzoekers brachten ook geografische verschillen in kaart. Daaruit blijkt dat er gemiddeld 16% meer etnische discriminatie voorkomt op de Europese huurmarkt dan op de Noord-Amerikaanse huurmarkt.Ook homoseksuele en lesbische koppels worden in Europa gemiddeld iets sterker gediscrimineerd dan in Noord-Amerika. Voor de andere onderzochte discriminatiegronden werden geen significante geografische verschillen vastgesteld.
Huurdiscriminatie neemt nauwelijks af
Een van de meest opvallende vaststellingen is dat huurdiscriminatie sinds de eeuwwisseling nauwelijks is afgenomen. De enige uitzondering is discriminatie op basis van sociaaleconomische positie, die wel is gedaald. Dat is opmerkelijk omdat de antidiscriminatiewetgeving de voorbije decennia sterk is uitgebreid, zeker in Europa sinds de invoering van de Racial Equality Directive in 2000. Ook op de arbeidsmarkt blijkt uit ander onderzoek dat discriminatie nauwelijks is afgenomen."De afgelopen decennia hebben de meeste landen hun antidiscriminatiewetten gevoelig aangescherpt onder druk van Europa en de publieke opinie," aldus prof. Verhaeghe. "Toch blijven die wetten vaak papieren tijgers door het gebrek aan effectieve handhavingsinstrumenten. Op papier is alles goed geregeld, maar in de praktijk worden de wetten niet gecontroleerd", duidt prof. Verhaeghe.
Uit eerdere studies blijkt dat huurdiscriminatie in de jaren 1980 en 1990 nog afnam. Die daling lijkt sindsdien echter tot stilstand te zijn gekomen. De onderzoekers pleiten daarom voor meer investeringen in de effectieve handhaving van antidiscriminatiewetgeving.

