Verbouwen

Plat dak vervangen: bitumen of EPDM, en waar moet je op letten?

Plat dak vervangen: bitumen of EPDM, en waar moet je op letten?
Een plat dak op een aanbouw, garage of dakkapel krijgt het zwaar te verduren: zon, vorst, plassen water en soms wat onderhoud. Op een gegeven moment helpt repareren niet meer en is vervangen de verstandigste keuze. Maar wanneer is dat moment, en welke dakbedekking kies je dan?

Wanneer is vervangen beter dan repareren?

Een paar signalen dat je dak aan het eind van zijn levensduur is:
  • Blazen en bobbels in de dakbedekking, of naden die loslaten.
  • Plassen water die dagen blijven staan omdat het dak geen goed afschot meer heeft.
  • Lekkages die terugkomen, of op meerdere plekken tegelijk ontstaan.
  • Een zachte of verende ondergrond als je over het dak loopt. Dat wijst vaak op nat of verrot dakbeschot.

Bij één lek op een verder gezond dak is een reparatie prima. Komen meerdere signalen samen, dan gooi je met losse reparaties vooral geld weg.

Bitumen of EPDM?

De twee meest gebruikte materialen voor platte daken hebben elk hun eigen sterke punten.

Bitumen (dakleer) wordt meestal in twee lagen aangebracht en gebrand of gekleefd. Het is stevig, goed beloopbaar en elke dakdekker kan het repareren. Een goed gelegd bitumen dak gaat vaak twintig tot dertig jaar mee. Het is een logische keuze voor daken waar regelmatig op gelopen wordt, of waar later zonnepanelen op komen.

EPDM is een rubberen dakbedekking die vaak in één stuk wordt gelegd. Daardoor zijn er weinig naden, en dat is precies waar een plat dak meestal lekt. Fabrikanten noemen een levensduur van veertig jaar of meer. EPDM is wel kwetsbaarder voor scherpe voorwerpen en vraagt een nette, vlakke ondergrond.

Waar het echt om gaat: de opbouw eronder

De dakbedekking krijgt alle aandacht, maar een nieuw dak is zo goed als wat eronder ligt. Let bij een offerte op deze punten:
  • Ondergrond: wordt nat of rot dakbeschot vervangen, of wordt de nieuwe laag er gewoon overheen gelegd?
  • Afschot: water moet naar de afvoer lopen. Blijft het nu staan, dan moet het afschot verbeterd worden.
  • Isolatie: bij vervanging is het dé moment om het dak te isoleren. Dat bespaart energie en voorkomt condens. Kijk ook of je in aanmerking komt voor ISDE-subsidie.
  • Afwerking: nieuwe daktrim, goed aangesloten afvoeren en waar nodig een noodoverloop, zodat een verstopte afvoer niet meteen tot lekkage leidt.

Laat het eerst inspecteren

Een goede dakdekker kijkt eerst naar de staat van het hele dak en vertelt eerlijk of repareren nog zin heeft. Dakbedrijf Westermeer uit Eindhoven werkt bijvoorbeeld zo: na een gratis inspectie met foto's krijg je een vaste prijs vooraf. Zo weet je wat er onder je dakbedekking zit voordat je beslist. Meer informatie vind je op de website van Dakbedrijf Westermeer.

Tot slot

Vervang je het dak, kies dan op basis van hoe je het dak gebruikt, niet alleen op prijs. Vraag altijd hoe de dakdekker de ondergrond, het afschot en de isolatie aanpakt. Daar zit het verschil tussen een dak dat tien jaar meegaat en een dak waar je dertig jaar geen omkijken naar hebt.