Nederlandse huishoudens hebben zich de afgelopen tien jaar steeds dieper in de schulden gestoken. De hypotheekschuld van huishoudens is gestegen van 140 miljard euro in 1995 tot ruim 500 miljard euro eind 2005. Daarmee was de hypotheekschuld gelijk aan 99 procent van het BBP. In de eerste helft van 2006 groeide de schuld met 7 procent verder tot 537 miljard euro. De verwachting is dan ook dat de hypotheekschuld van Nederlandse huishoudens eind 2006 voor het eerst hoger zal zijn dan het BBP. Per huishouden met een eigen huis bedraagt de hypotheekschuld nu ongeveer 150 duizend euro.

