Bij een derde van het aantal ongevallen in de bouw is er geen voorlichting over veilig werken gegeven. Ook is er geen instructie geweest voor het werken met persoonlijke beschermingsmiddelen. Dit blijkt uit het jaarverslag van Arbouw. Gebrek aan voorlichting en instructie en zelfs het niet treffen van technische en organisatorische voorzieningen blijkt heel vaak voor te komen bij ongevallen. Vooral in het kleinbedrijf en wat sector betreft de afbouw is de situatie bedroevend, blijkt uit de Arbouw-cijfers.
Bij bedrijven met minder dan 20 werknemers bleek in 37,2 procent van de ongevallen geen voorlichting te zijn gegeven tegen 19,5 procent bij de 100+-bedrijven. Geen pbm-instructie kreeg 44,1 procent van de werknemers bij kleine bedrijven die betrokken waren bij een arbeidsongeval. De afbouwsector spant hier duidelijk de kroon met percentages van boven de 40 procent. Volgens Arbouw is de situatie iets verslechterd in vergelijking met 2001.
In 13,8 procent van de ongevallen zijn geen technische of organisatorische voorzieningen getroffen. Hier zit het kleinbedrijf op 20 procent tegen even 9 procent bij het grootbedrijf. In de afbouw zijn in 22,5 procent van de ongevallen geen voorzieningen getroffen. Het niet ter beschikking stellen van persoonlijke beschermingsmiddelen blijkt bij 6,1 procent van de ongevallen het geval. In het kleinbedrijf gebeurde dit in 11,4 procent van de gevallen niet. In de afbouwsector kwam het bij 13 procent van de ongevallen voor.
Uit de cijfers blijkt dat het aantal ernstige ongevallen iets afneemt. Weliswaar nemen dc ongevallen met verzuim iets toe, maar het aantal ziekenhuizenopnames na een ongeval neemt iets af.Ook het aantal dodelijke arbeidsongevallen is iets gedaald van elf naar negen.
Jongeren blijven nog altijd wat wild voor hun leeftijd. Onder de 25 jaar kreeg 11,7 procent een ongeval. Dit percentage zakt hard op oudere leeftijd naar bijna de helft bij werknemers boven de 45.
Timmerman blijkt het gevaarlijkste beroep. In deze beroepsgroep kreeg 11,2 procent van het personeel een ongeval. Metselaars en uitvoerders zitten ook hoog met 7,5 respectievelijk 7,6 procent. De minst risicovolle groep is overig uta-personeel met 1,1 procent ongevallen.
In de b&u-sector is verstappen, struikelen of uitglijden de meest voorkomende oorzaak van ongevallen met 15,9 procent. Goede tweede is vallen met 15,1 procent. Ook in de gww-sector is verstappen, struikelen of uitglijden de meest voorkomende oorzaak met 22,5 procent. Geraakt of bekneld door machine, gereedschap of wegschietend voorwerp em getroffen door vallend voorwerp staan in deze sector op de gedeelde tweede plaats met ieder 9,6 procent. In de afbouwsector steekt vallen met kop en schouders boven de andere oorzaken uit met 26,9 procent. Vertillen of verdraaien is hier de tweede oorzaak met 13,2 procent.
Meld je aan voor onze nieuwsbrief
Elke werkdag het laatste nieuws in uw mailbox!
Aanmelden!Alleen de nieuwsbrief, geen spam

