Isolatie

Rockwool moet energiebesparingstheorie fors bijstellen

De Deense isolatiematerialenfabrikant Rockwool blijkt bij de energiebesparingsdoelstellingen voor zijn in 2000 in gebruik genomen hooggeïsoleerde researchcentrum duidelijk een tikkeltje te hoog te hebben gegrepen.

Een onlangs verschenen rapport van het bouwresearchcentrum By og Byg van de Deense overheid stelt vast dat de energiebesparingsdoelstellingen van het hooggeïsoleerde researchcentrum van Rockwool te hoog zijn gegrepen.

Rockwool kleunde mis op het punt van de berekening van de koudebruggen bij de fundamenten, de convectorputten en de ramen. Andere factoren waarmee niet voldoende rekening was gehouden zijn het aantal mensen in het gebouw en de te hoge verwachtingen ten aanzien van de benutting van de zoninval. Ook de interne warmetoevoer van de kantoorapparatuur (pc’s en dergelijke) bleek te laag ingeschat.
Rockwool weet nu in elk geval dus wel hoe het niet moet, zo kan worden geconcludeerd. Dat de resultaten van het project uitvoerig op de deugdelijkheid zouden worden getest wist de fabrikant van tevoren. Het meetprogramma is namelijk uitgevoerd als onderdeel van de energieresearch van By og Byg en de technische universiteit DTU.
Rockwool-projectleider A. Damsgaard Olsen: “We hebben geleerd dat de berekeningen van de koudebruggen bij lage-energiebouw buitengewoon nauwkeurig moeten worden uitgevoerd. Het is wel zo dat die berekeningen van onze bouwraadgever voorafgaande aan de bouw zijn gecheckt door By og Bug en DTU. Dat het uiteindelijk toch niet bleek te kloppen komt omdat onder meer oude ISO-normen zijn gebruikt. Daarin werd geen rekening gehouden met warmteverlies van aluminiumramen in de glazen gevels. Die normen zijn daarom aangepast. Hetzelfde geldt voor het door DTU opgestelde berekeningsprogramma voor de interne warmtetoevoer. Daarbij werd uitgegaan van woningen, maar dit is een kantoorgebouw waar de mensen ‘s avonds niet aanwezig zijn,” aldus Damsgaard Olsen.

Warmteverlies
Hij erkent verder dat ook het warmteverlies bij de met een 250 millimeter dikke steenwollaag ingepakte fundamenten is ondergewaardeerd. Dat had kunnen worden voorkomen met driedimensionale berekeningen.
Bij de projectering van het researchcentrum was de doelstelling een energieverbruik van 15 kWh per vierkante meter per jaar, ofwel slechts een derde deel van de normen volgens het bouwreglement.
Het feitelijke warmtegebruik – uitgaande van een normaal jaar en een binnentemperatuur van 20 graden C. – kwam op 51 kWh per vkm per jaar. Dit moet overigens wel worden vergeleken met het energiecijfer voor een gangbaar kantoorgebouw dat in Denemarken op 100 kWh per vkm per jaar ligt.