Algemeen

Parlementaire enquête zet bouw op zijn kop

“Ik heb nog nooit meegemaakt dat een parlementaire enquête als een nachtkaars uitgaat”, is de ervaring van Ralph Pans. De secretaris-generaal weet waarover hij spreekt, want hij heeft in zijn loopbaan bij het ministerie van Verkeer en Waterstaat ook de afwikkeling van de Bijlmer-enquête en de Commissie-Oosting meegemaakt. Pans verruilt na vierenhalf jaar zijn functie voor het directeurschap bij de Vereniging Nederlandse Gemeenten.
De topambtenaar voorspelt dat de nasleep van de enquête naar bouwfraude een structuurverandering in de sector teweeg zal brengen. “De roep om andere procedures rond aanbestedingen klinkt al langer. De commissie zorgt voor een stroomversnelling en steekt een stokje voor halfslachtige oplossingen.”
Pans verwacht dat de enquêtecommissie de weg naar nieuwe verhoudingen en meer innovatieve contracten opengooit. Dat betekent ook dat de Tweede Kamer een andere controlerende rol krijgt. “Maar het zou me ernstig verbazen als die aanbeveling er niet in staat en als het parlement die aanbeveling niet overneemt.
Hij weigert dan ook de enquête als een dieptepunt in zijn loopbaan te zien. De overheid moet een professionelere opdrachtgever worden, maar de bouw moet in zijn ogen minder zeuren over risico’s. “Aannemers moeten een einde maken aan de praktijk om alle mogelijke tegenslagen te benoemen en dan vervolgens te beprijzen. Op die manier komt er nooit een innovatief contract van de grond.”
De A59, Rijksweg 11 en Sijtwende zijn volgens Pans voorbeelden van projecten waarbij al een ander samenspel tussen aannemer en opdrachtgever is ontstaan. Ook de HSL-Zuid schaart hij onder de innovatieve contracten. Alleen blijven daar in de ogen van Pans veel efficientieslagen liggen omdat er zoveel verschillende contractpartners zijn.
De rol van Rijkswaterstaat zal definitief moeten veranderen. Pans weet echter dat een cultuuromslag bij ambtenaren een paar jaar kost. Voorgekauwde werkwijzen en gedetailleerde bestekken zijn wat hem betreft alleen geschikt voor simpele bouwprojecten.
Pans ergert zich aan de discussie over het al dan niet openmaken van de enveloppen bij aanbestedingen. “Meer openheid bij de opdrachtgever én bij de opdrachtnemer. Dus geen flauwekul en gewoon ramingen op tafel.” Dat geldt wat hem betreft niet voor gecompliceerde projecten waarvoor geen standaardoplossingen zijn.
“De overheid moet altijd blijven sturen op kwaliteit, tijd en geld. Die drie elementen zullen ook in de toekomst een rol spelen. De kunst is een slim evenwicht tussen die factoren te vinden.” De Zuiderzeelijn en Tweede Maasvlakte zijn voor Pans de eerste grote projecten waarbij een nieuwe aanpak kan worden getest.
Pans heeft als oud-wethouder van Zaanstad en oud-burgemeester van Rosmalen en Almere altijd een publieke functie vervult. “Ik ben een echt overheidsmannetje.” Dat hij altijd verantwoording schuldig is over zijn functioneren, beschouwt hij niet als een last maar als een plicht.
Integriteit staat bij hem dan ook hoog in het vaandel. Hij heeft knarsetandend aangehoord hoe het ministerie in een kwaad daglicht werd gesteld in de discussie rond de bouwfraude. “Er wordt veel geroepen, zonder maar een spoor van bewijs en dat werkt heel beschadigend. Ik twijfel geen ogenblik aan de integriteit van de diensten. De verhoren hebben uitgewezen dat het steeds om dezelfde paar rotte appels gaat. Die prak wordt steeds opgewarmd. Niemand kijkt naar het perspectief van die paar mensen op het totaal van 15.000 ambtenaren.”