Batibouw, de jaarlijkse hoogmis voor kandidaat-bouwers en -verbouwers, is aan haar laatste dag toe. Tijdens deze 10-tiendaagse werd bij heel wat bouwlustigen gepeild naar hun woon-ideeën, -dromen en -verwezenlijkingen. De resultaten daarvan én het grote bezoekersaantal op de beurs bewijzen nog maar eens dat de Belg zijn baksteen in de maag zeker niet kwijt is. Maar hoe ervaren de aannemers de evoluties en trends waaraan de bouw onderhevig is? De BOUWUNIE hield op haar beurt een enquête bij haar leden-aannemers. Duidelijke trends zijn het dalend aantal nieuwbouwopdrachten, het stijgend belang van renovatie, de toenemende aandacht voor duurzaam bouwen, het groter aantal klanten dat naar een totaaloplossing vraagt, waardoor sleutelklaar bouwen in de lift zit, en anderzijds het fenomeen van de bouwlustige die zelf zijn handen uit de mouwen steekt of zegt te steken. Evoluties die er voor zorgen dat de bouwbedrijven zich voortdurend (moeten) heroriënteren.
De BOUWUNIE onderwierp naar aanleiding van Batibouw, 200 van haar leden-aannemers (algemene aannemers en ruwbouwaannemers die actief zijn in de woningbouw) aan een enquête. Doel was na te gaan hoe zij de talrijke interne en externe evoluties in de bouw ervaren en wat de invloed daarvan is op hun bouwbedrijf. Dit leverde interessante resultaten op.
De belangrijkste evolutie is ongetwijfeld de gewijzigde verhouding tussen nieuwbouw- en renovatie-opdrachten. Bij 30% van de ondervraagde aannemers is het aantal nieuwbouw-opdrachten de laatste jaren gedaald, terwijl 58% van hen in dezelfde periode meer renovatie-opdrachten heeft uitgevoerd. Voor de toekomst verwachten ze een verderzetting van deze evolutie: 31% spreekt van een daling in de nieuwbouw en 56% van een stijging van het aantal renovaties. Dit betekent dus ook dat er zich steeds meer spelers op de renovatiemarkt begeven, dat de concurrentie verhoogt en de prijzen onder druk staan.
De oorzaken van de structureel dalende lijn waarin de nieuwbouw zich bevindt, zijn divers. Belangrijkste reden: bouwgrond is duur en moeilijk te vinden. Een vrijstaande woning lijkt een onbereikbaar ideaal te zijn geworden. Door de schaarste en de prijs van percelen voor open bebouwing, bouwen meer en meer klanten halfopen en zijn er meer inbreidingsprojecten in kernen van steden en gemeenten. Dit laatste is ook het resultaat van de inspanningen om de steden te promoten als aantrekkelijke woonplekken. Een ander gevolg van de kleinere en duurdere bouwpercelen, én van de vergrijzing van de bevolking en het groter aantal kleine en eenpersoonsgezinnen, is het toenemend belang van appartementen in de nieuwbouwcijfers. In 1995 betrof twee derde van de nieuwbouwvergunningen eengezinswoningen. Nu wordt voor elk huis een appartement gebouwd. De meeste van deze woningen en appartementen worden nog op de traditionele manier gebouwd. De laatste jaren zien we wel meer en meer andere bouwmethoden opduiken, zoals betonsysteembouw (14% van de aannemers past dit toe), prefab (8%), houtskeletbouw (7% of staalskeletbouw (6%).
Sleutel-op-de-deur zit in de lift. Vooral mensen met nieuwbouwplannen die weinig kennis hebben van de bouwsector en/of weinig tijd hebben om zich veel met de bouw bezig te houden, vragen naar een totaaloplossing. Vroeger betekende sleutelklaar bouwen wel eens het kopen van een standaardhuis, maar daar is nu helemaal geen sprake meer van. Ook bij een sleutel-op-de-deur-project heeft de klant zijn eigen inbreng. Heel wat bouwers willen zekerheid wat de kostprijs, het uitzicht, de materialen en de timing van hun toekomstige woning betreft. Het marktaandeel van sleutelklaar bouwen blijft dan ook stijgen. Niet minder dan 21% van de ondervraagde aannemers zijn actief in dit marktsegment.
Ondanks dat, zijn er ook een aanzienlijk aantal (ver)bouwers die een totaal andere ingesteldheid hebben. Zij steken zelf de handen uit de mouwen of zeggen de klus te zullen klaren met hulp van "familie en vrienden". 85% van de ondervraagde aannemers hebben dit al aan den lijve ondervonden. Volgens 31% van hen neemt dit fenomeen toe. Een aantal (ver)bouwers zullen inderdaad in staat zijn om zelf de afwerking voor hun rekening te nemen. Maar het lijkt zeer onwaarschijnlijk dat de meesten perfect weten hoe ze moeten bepleisteren, elektriciteitsleidingen en centrale verwarming moeten leggen en sanitaire installaties moeten plaatsen. Heel wat aannemers uit deze beroepssectoren ergeren zich dan ook aan het welig tierende zwartwerk in hun sector. Ze stellen zich bovendien terecht de vraag of al deze doe-het-zelvers de strenge, maar broodnodige, veiligheidsvoorschriften respecteren. De jaarlijks opduikende CO-doden, vaak te wijten aan een slechte installatie of afstelling van toestellen, zijn hier spijtige getuigen van. De BOUWUNIE heeft daarom al meermaals aangedrongen om de aansluiting van verwarmings- en sanitaire toestellen verplicht te laten uitvoeren door een geregistreerd installateur.
Een laatste belangrijk fenomeen is de toenemende aandacht voor duurzaam bouwen. 88% van de ondervraagde aannemers zeggen dat hun klanten vragen naar milieuvriendelijke en/of energiezuinige toepassingen. Volgens 35% zit er een duidelijke stijgende lijn in deze trend. En dit ondanks het feit dat duurzaam bouwen duurder is dan gewoon bouwen. Daarom zijn heel wat (ver)bouwers hierin slechts geïnteresseerd als, of net omdat, er financiële tussenkomsten zijn, zoals voor het beter isoleren van de woning.
Al deze evoluties en trends vragen heel wat aanpassingen van de bouwbedrijven. Ze heroriënteren en specialiseren zich omdat de complexiteit van de werken verhoogt. Sommigen richten zich voornamelijk op de nieuwbouw, anderen zijn bv. volledig overgeschakeld van nieuwbouw naar renovatie om nog voldoende opdrachten in de wacht te kunnen slepen. Dit heeft een duidelijke weerslag op de eisen die de aannemers aan hun arbeiders stellen. Bouwvakarbeiders van vandaag en morgen zijn polyvalent en goed opgeleid.
Meer over Verbouwen
Badkamerrenovatie begint bij een slim plan
9 juni 2026Meld je aan voor onze nieuwsbrief
Elke werkdag het laatste nieuws in uw mailbox!
Aanmelden!Alleen de nieuwsbrief, geen spam

