Algemeen

NL: Concurrentiegebrek drukt op woningbouw

Gemeenten zorgen voor te weinig concurrentie op de woningbouwmarkt. Dat vindt directeur N. Rietdijk van de NVB, een vereniging voor ontwikkelaars en bouwondernemers.

Het beleid van de gemeenten drukt volgens de NVB niet alleen op de bouwproductie, maar pakt ook heel slecht uit voor de regionale ontwikkelaars.

Lokale bestuurders geven volgens Rietdijk te vaak de voorkeur aan grote (inter)nationale projectontwikkelaars. Lokale branchegenoten komen hierdoor nog maar nauwelijks aan bod. “Als één grote partij een belangrijke locatie naar zich toe trekt, bepaalt hij meteen de hele markt in de gemeente. Andere plekken gaan dan meestal op slot waardoor de regionale concurrenten niet meer mee kunnen doen”.
De geschetste situatie komt volgens Rietdijk onder andere voor in Groningen waar momenteel hard wordt gewerkt aan bouw van de Meerstad, een monsterproject waar meer dan achtduizend woningen worden gebouwd. “Zolang zo’n plan niet ten koste gaat van de kleinere locaties in het Noorden, is het geen probleem. Maar als door dit project in de rest van de regio niet meer gebouwd kan worden, is dat de doodsteek voor een gezonde concurrentie.”
De woningbouwproductie is volgens de NVB-bestuurder niet gebaat bij een monopolie-achtige situatie die gemeenten vaak zelf creëren. Verandert er niets aan het beleid van de colleges van burgemeester en wethouders, dan wordt de doelstelling van het ministerie van Volkshuisvesting Ruimtelijke Ordening en Milieu (VROM) niet gehaald. Rietdijk: “Die 80.000 woningen per jaar halen we met alleen maar grote locaties niet”.
Gemeenten hebben volgens Rietdijk niet alleen invloed op de kwantiteit. Ook op de kwaliteit wordt ingeboet als één of enkele grote nationale spelers de markt domineert. “Regionale projectontwikkelaars kennen het gebied waarin ze actief zijn vaak heel goed. Daarnaast hebben ze er belang bij om goede kwaliteit af te leveren. Ze moeten nu eenmaal na ieder project weer met dezelfde gemeenten aan tafel.”

Lokale binding
Internationale projectontwikkelaars hebben volgens Rietdijk een minder sterke band met de regio’s waarin ze werken. “Die vliegen net zo makkelijk weer verder”. De NVB-man denkt dat met minder lokale binding, de grote projectontwikkelaars de lat vaak heel wat lager leggen. De kans dat ze nog eens zo’n grote klus binnenhalen in dezelfde gemeente is immers niet zo groot.
Om de kwaliteit en de concurrentie te kunnen waarborgen moeten gemeenten vooral voor nieuwe bouwlocaties zorgen die voor alle partijen toegankelijk zijn. Daarbij hoeven goede locaties beslist niet altijd grootschalig te zijn, legt Rietdijk uit. “Bestuurders denken vaak: ‘Big is beautiful’. Maar juist vele kleine bouwlocaties kunnen een welkome bijdrage leveren aan een goed functionerende woningbouwmarkt en het vervullen van de woonwensen van de koper of de huurder.”