Aan de van Sassenheim verrijst een luxe woonwijk. Midden tussen de huizen staat een massief vierkant gebouw in de steigers. Het is een monumentale bollenschuur uit 1928 die Ballast Nedam Bouw compleet restaureert en verbouwt tot appartementencomplex.
“Of zich verrassingen hebben voorgedaan tijdens de werkzaamheden? Nou, reken maar!”, zegt hoofduitvoerder C. Stokkel van Ballast Nedam Bouw over de verbouwing van een bollenschuur in Sassenheim. Het rijksmonument mocht als stukje oude ‘industrie’ in de Bollenstreek ondanks zijn slechte bouwkundige staat niet wijken voor het nieuwbouwplan. Ballast Nedam Ontwikkelings
Maatschappij ontwierp daarom een plan om de gemetselde gevels te restaureren en daarmee het aanzicht te behouden. Inpandig maakt de voormalige opslagruimte voor bloembollen ruimte voor twaalf luxe appartementen.
Het gebouw verloor zijn functie als bollenschuur al zeker vijftien jaar geleden. Sinds die tijd doet het gebouw dienst als cultureel centrum. Daarom waren de bollenrekken op de begane grond al verwijderd. Stokkel reageerde verbaasd toen tijdens de heiwerkzaamheden voor de nieuwe betonvloer op oude strokenfunderingen van de rekken stuitte. “We hadden nooit gedacht dat ze onderdeel uitmaakten van de constructie van het gebouw.” De voormalige bollenrekken bleken ooit het dak te hebben gedragen. “Elk rek had zijn eigen fundering. Het dak bleek in het originele ontwerp afgestempeld op de rekken.” Oude bouwtekeningen die later boven tafel kwamen, bevestigden de constatering.
Voor Stokkel hield deze constructieve ontdekking in dat hij ter plaatse van de beoogde stalen buispalen eerst onderzoek moest uitvoeren in de bodem. In sommige gevallen kon hij een gat door de oude fundering boren, in enkele gevallen paste hij in overleg met de constructeur de plaats van de nieuwe buispaal aan. De zandgrond waarop het pand staat, is niet draagkrachtig genoeg. Het ontwerp voorziet in een nieuwe constructie met 117 stalen buispalen met een lengte van 15 meter.
Om de bestaande strokenfundering te ontlasten, rust het gebouw op dit moment op de nieuwe betonvloer en palenfundering. Hiervoor heeft de aannemer gaten met een diameter van 35 centimeter door de spouwmuur van het gebouw geboord en de nieuwe vloer in de gaten doorgestort.
Stokkel is trots op het uitgevoerde grondwerk. “Wat onze mensen hier gedaan hebben is absoluut precisiewerk. De ondergrond is met een ‘kammetje’ gladgestreken.” De nauwkeurigheid was vereist vanwege de aanlegdiepte precies boven de bestaande funderingsstroken en de aanlegschuinte bij de funderingsstroken die onderdeel uitmaken van de nieuwe vloer.
Twee kleuren
Het meest in het oog springende van het gebouw is de gemetselde gevel in twee kleuren. Een belangrijk deel van de restauratie betreft dan ook het herstellen van het metselwerk dat zeer veel zetscheuren vertoont. Om het werk aan de gevel mogelijk te maken en omdat door het leegslopen het gebouw geen constructief verband meer heeft, is de bollenschuur helemaal omgeven door een gevelondersteundende steiger, geschraagd door grondankers.
Het gebouw is voor een gedeelte onderkelderd. Omdat de kelder minder is gezet dan de rest van het gebouw, is de bollenschuur volgens Stokkel in de loop der jaren als het ware over de kelder heen gezakt. Voor het herstel heeft de aannemer gekozen voor het Helifix-wapeningssysteem van Total Wall Concept, waarbij wokkelvormige roestvaststalen staven in het metselwerk worden aangebracht om de scheurvorming te fixeren en eventuele trekkrachten die in de toekomst optreden, kunnen opnemen. Zuinig is de aannemer niet met de toepassing van de wokkels. “Ter plaatse van de verdiepingsvloeren brengen we bijna complete kransen aan van het wapeningssysteem.” Bovendien past de aannemer op grote schaal wokkels toe als spouwankers.
Gaten
Typerend voor de bollenschuur waren de gaten in de gevel die dienden voor de ventilatie van de te drogen bollen. Bij het opvullen van deze gaten en voor het overige inboetwerk, maakt de aannemer gebruik van gelijke formaten en kleuren. “We hadden het geluk dat de beheerderswoning die we op dit moment slopen, uit dezelfde stenen is opgetrokken. Door ze schoon te hakken, hebben we exact dezelfde steen in handen.” Dat het gebruik van oude stenen duurder uitvalt dan het zoeken naar nieuwe bijpassende stenen, speelt slechts een kleine rol. “Het is een prestigeklus. Het moet mooi zijn.”
Na de herstelwerkzaamheden aan het metselwerk wordt de gevel gestraald. Dat gaat weliswaar ten koste van de bakhuid van de stenen, maar het gebouw krijgt er wel zijn originele uitstraling door terug.
Om het aanzicht zo veel mogelijk intact te laten, handhaaft de aannemer een gevelinvulling met stalen kozijnen. Om aan de energieprestatie-eis te voldoen, krijgen de appartementen geïsoleerd glas en een isolatiepakket aan de binnenzijde. Doordat de kopkant van de flens van het stalen profiel minimaal is gedimensioneerd, is er geen sprake van een koudebrug. “De oppervlakten zijn daarvoor te klein”, aldus Stokkel, die van de fabrikant en leverancier Geerdink Kozijnen die verzekering heeft gekregen.
De verdiepingsvloeren en het dak voert de aannemer uit in breedplaatvloeren. Enkele platen overspannen een lengte van maar liefst 10,5 meter. Ter plaatse van de gevels heeft de aannemer voor de oplegging van de vloeren een kalkzandsteen wand tegen het binnenspouwblad geplaatst. De binnennegge bij voor- en achtergevel bedraagt hierdoor 55 centimeter. Alleen ter plaatse van het atrium herinneren houten vloeren nog aan de oude constructie.
Meer over Verbouwen
Badkamerrenovatie begint bij een slim plan
9 juni 2026Meld je aan voor onze nieuwsbrief
Elke werkdag het laatste nieuws in uw mailbox!
Aanmelden!Alleen de nieuwsbrief, geen spam

