Algemeen

Laagste prijs moet bij aanbesteding niet altijd prevaleren

De nieuwe Aanbestedingswet die de overheid momenteel voorbereidt, biedt een uitgelezen kans om innovatie in de bouw verder te stimuleren. Dat vindt Michiel Scheltema van de Regieraad Bouw. De nieuwe Aanbestedingswet gaat in 2007 in.

”Bij de traditionele aanbestedingsprocessen wordt innovatie onvoldoende belicht”, stelt Scheltema. “De vraag is ook: hoe bevorder je innovatie? Dat kun je doen door aanbestedingen op een andere manier te organiseren. De nieuwe regelgeving zou daarom meer aandacht moeten hebben voor de meest voordelige aanbieding in plaats van de laagste prijs.”

Transparante regels
Als gevolg van de bouwfraude heeft de overheid momenteel veel aandacht voor het scheppen van transparante regels die kartelgedrag in de toekomst moeten voorkomen. Scheltema erkent het belang van deze transparantie, maar ziet ook graag thema's als innovatie en prijs-kwaliteitverhouding krachtig doorklinken in de nieuwe wetgeving.
”Je kunt dingen wel gaan verbieden, maar eigenlijk moet je bevorderen dat het niet meer gebeurt. Momenteel gaan de meeste opdrachtgevers uit van een uitgewerkt bestek en de laagste prijs. In plaats daarvan zouden de opdrachtgevers aanbieders kunnen stimuleren om innovatieve oplossingen te bedenken, door aan te besteden aan de hand van een functioneel programma van eisen. Als de prijs-kwaliteitverhouding het belangrijkste criterium is, worden onderlinge afspraken onmogelijk. Je kunt moeilijk onderling gaan afstemmen op kwaliteit.”
Deze en andere aanbevelingen heeft Scheltema vrijdag namens de Regieraad Bouw aan de ministers Brinkhorst, Dekker en Peijs aangeboden in een eerste advies. De Regieraad streeft ernaar te bewerkstelligen dat de nieuwe Aanbestedingswet in brede kring draagvlak krijgt. De verwachting is dat hierdoor op termijn het aantal geschillen tussen opdrachtgevers en opdrachtnemers vermindert.

Focus op innovatie
Het eerste advies van de Regieraad is tot stand gekomen na overleg met deskundigen van de overheid, de bouwsector, wetenschappers, juristen, en het kennisprogramma PSIBouw. Het tussentijdse advies wordt de komende maanden nader uitgewerkt.
Een grotere focus op innovatie en kwaliteit is niet in alle situaties wenselijk, zegt Scheltema. “'Bij simpele projecten is de laagste prijs een prima uitgangspunt. Maar wat je nu ziet, is dat er nog veel onervarenheid is met het gebruik van andere criteria, zoals kwaliteit. Waar ik voor pleit, is dat opdrachtgevers per project eerst een toets doen om te kijken welke aanbestedingsvorm het meest geschikt is.”
Scheltema vindt het ook van belang dat de ruimte die de EU-richtlijnen voor nieuwe aanbestedingsvormen bieden, volledig wordt benut. Als voorbeeld noemt hij de mogelijkheid van concurrentiegerichte dialoog. “Voor grote werken is het heel nuttig als aannemers eerst oriënterende gesprekken met de opdrachtgever voeren. Door deze interactie worden de eisen een stuk helderder en worden alternatieven bekeken.”