Uit verklaringen van M. Engels, oud-directeur van Wolters & Dros en van oud-secretaresse A. van Gelder van Unica Installatietechniek te Zwolle, blijkt dat installatiebedrijven een handleiding hebben hoe om te gaan met een inval van de NMa.
Van Gelder vertrok in december 1999 vanwege gewetensbezwaren, ontstaan door het ontdekken van grootschalige prijsopdrijving in de installatiebranche. Zij vertelde dat na haar vertrek handleidingen werden verstrekt met een beschrijving wat de doen als de NMa een inval zou doen. Zij verklaarde dit aan de hand van contacten die zij nog heeft binnen het bedrijf. In de stukken zouden codezinnen staan, waardoor de medewerkers van elkaar wisten dat de kartelpolitie in aantocht was.
Van Gelder zinspeelde ook op het achterhouden van informatie. Haar directeur ontkent dat. Hij stelt dat de handleiding vooral draaide om het gastheerschap. De telefoniste heeft een lijst met mensen die ze moet bellen als de NMa op de stoep staat. Dan krijgen de bezoekers een kopje koffie en worden doorverwezen.
Engels liet eind 1997 de forensische afdeling van huisaccountant Coopers & Lybrand een onderzoek uitvoeren naar onregelmatigheden binnen Wolters & Dros. Hij wilde voor de Mededingingswet die per 1998 in werking trad, schoon schip maken. Het eerste rapport beschreef de situatie en de geconstateerde misstanden in het bedrijf. Het rapport bleef zonder consequenties, omdat Engels de vestigingsdirecteuren dat beloofde in ruil voor medewerking. Deel twee bevatte eenzelfde handleiding over het omgaan met een mogelijke inval van de NMa als verstrekt bij Unica.
De belofte hield voor Engels in dat hij niet verder vroeg naar de aard van de praktijken. Drie belangrijke conclusies uit het rapport kon hij zich nog herinneren tijdens het verhoor door de enquêtecommissie. Er werd deelname aan voorgesprekken geconstateerd, ongeoorloofde beïnvloeding van overheidsfunctionarissen en onderlinge verrekeningen, middels onder meer valse facturen. De laatste twee kwamen bij Unica overigens niet voor, verklaarde oud-commercieel directeur Jonkman. Hij weet wel van golfdagen en zeildagen waar mogelijk ook ambtenaren bij aanwezig waren. Hij weet dat echter niet meer zeker.
Installatiebedrijf Wolters & Dros heeft in 1998 na het rapport over het eigen bedrijf volgens Engels het initiatief genomen om te stoppen met vooroverleg. Jonkman ontkent dat. "Wij deden geen poging om te stoppen, maar dat gold ook voor andere bedrijven", verklaart hij.
Zijn secretaresse kreeg ondertussen gewetensbezwaren en kopieerde het claimbestand. Zij verzamelde faxen en notulen van zogenaamde koffierondjes, de term in de installatiebranche voor voorgesprekken. Op advies van haar advocaat die wees op mogelijke bedreigingen, zag zij uiteindelijk af van verdere actie. Wel heeft zij de kartelpolitie na de eerste berichten op de hoogte gesteld dat zij ‘informatie had over kartelvorming in verband met bouwfraude’. Zij is nooit teruggebeld en nam uiteindelijk contact op met de enquêtecommissie.
Meld je aan voor onze nieuwsbrief
Elke werkdag het laatste nieuws in uw mailbox!
Aanmelden!Alleen de nieuwsbrief, geen spam

