Nieuwbouw

Forse groei van Kempense bouw vertraagt

In Vlaanderen ging het aantal vergunningen voor nieuwe flats er van 2002 tot 2005 met 45% op vooruit en voor nieuwe huizen met 34%. De Kempen deed het nog beter dan het Vlaamse gemiddelde: + 80% voor flats en + 37% voor huizen. Maar vanaf 2006 is de groei vertraagd. Op Vlaams niveau is het aantal vergunningen voor huizen in 2006 zelfs met 3% gedaald. In de Kempen bleef zowel voor flats als voor huizen het aantal vergunningen licht stijgen. Maar op haar roadshow voor de Confederatie Bouw Kempen vanavond zal de Vlaamse Confederatie Bouw (VCB) waarschuwen voor een stagnatie en zelfs een achteruitgang in het najaar van 2007 en in 2008. Dat is alvast tot uiting gekomen bij een recente enquête van de VCB bij de Vlaamse woningbouwers.

Tien jaar geleden werden in de Kempen nog grotendeels huizen in plaats van flats gebouwd. Slechts een kwart van de Kempense woningbouwactiviteit betrof toen appartementsbouw. Dat aandeel lag toen nog sterk onder het Vlaamse gemiddelde. Amper tien jaar later is de appartementsbouw in de Kempen de dominerende factor geworden. In 2006 hadden in de Kempen maar liefst 55% van de vergunningen voor nieuwe woongelegenheid betrekking op appartementen. De appartementsbouw is in de Kempen nu even belangrijk als in de rest van Vlaanderen.

Van deze appartementen komt 49% in de steden Turnhout, Geel en Mol en 18% in de randgemeenten rond Turnhout, in Herentals en Hoogstraten. Opvallend is wel dat daarnaast 33% van de Kempense appartementen in het buitengebied worden gerealiseerd. Dit betekent dat het Kempense buitengebied in toenemende mate verstedelijkt. Compacter wonen in een flat is een van de middelen om te ontsnappen aan de hoge bouwgrondprijzen. Weliswaar liggen de Kempense bouwgrondprijzen 9% onder het Vlaamse gemiddelde en 11% lager dan in het arrondissement Antwerpen maar ze liggen wel al 20% hoger dan in Limburg.

Volgens het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen (RSV) mochten in de provincie Antwerpen slechts 35% van de nieuwe woningen in het buitengebied komen. De VCB stelt echter vast dat deze norm in de Kempen fors wordt overschreden. De laatste jaren kwamen 54% van de nieuwe woningen in het Kempense buitengebied terecht. Het aantal huishoudens gaat in de Kempense steden en in het buitengebied gelijk op. In beide gebieden is het aantal huishoudens de laatste tien jaar met ongeveer 11% toegenomen. Deze evolutie zet een enorme druk op de resterende percelen in het buitengebied terwijl het RSV de gemeenten in het buitengebied afremt om nog bijkomende terreinen voor bewoning vrij te geven.

De VCB pleit in dit verband voor twee maatregelen: het aansnijden van de woonuitbreidingsgebieden die in de atlas van minister Van Mechelen als prioritair zijn aangeduid, en de activering van de talrijke bouwgronden in het bezit van de overheid.

De prioritair aan te snijden woonuitbreidingsgebieden behelsen voor gans de provincie Antwerpen maar liefst 1.200 hectare. Daarop kunnen ongeveer 20.000 nieuwe woongelegenheden worden opgericht. Het gaat om terreinen die altijd voor wonen waren voorbehouden. Bovendien zijn ze per definitie kernversterkend. Deze gebieden aansnijden schaadt dus geenszins een goede ruimtelijke ordening.

Uiteenlopende overheden beschikken in Vlaanderen over 8.000 hectare bouwgrond. Door deze gronden te activeren kunnen deze overheden jaarlijks 7.000 extra bouwpercelen vrijmaken. En dan nog zal hun voorraad tegen 2015 amper voor de helft uitgeput zijn.

Van groot belang voor de Kempense bouwnijverheid is de sector van de niet-woongebouwen. Deze sector behelst onder meer de bouw van industrie-, kantoor-, handels- en logistieke gebouwen. Ook op dit vlak heeft de Kempen heel wat beter gepresteerd dan het Vlaamse gemiddelde. Van 2002 tot 2005 ging de niet-woongebouwensector er met 22% op vooruit in Vlaanderen en liefst met 72% in de Kempen. Toen werden in de Kempen niet minder dan 3,5 miljoen m³ niet-woongebouwen vergund. In 2006 heeft de regio deze puike resultaten voortgezet.

Opvallend voor de Kempen is ook dat een belangrijk deel van de niet-woongebouwen (49%) in het buitengebied wordt gerealiseerd, met name langs de belangrijke water- en autowegen die de regio doorkruisen.

Voor de verdere ontwikkeling van de logistieke en industriële activiteiten in de regio is het wel belangrijk dat voldoende bedrijventerreinen voorhanden blijven. De VCB constateert evenwel dat momenteel nog slechts een zeer beperkt aantal percelen beschikbaar zijn.