Algemeen

Elke steen homogeen en toch verschillend

Wat zou het voor sommige toepassingen mooi zijn als de bakstenen uit een enkele ‘batch’ al tijdens de productie onderling enigszins afwijkende, maar wel egale kleuren zouden kunnen krijgen. Dat zou het tijdrovende mengen van stenen uit meerdere productiepartijen ouderwets maken.

Echt blij met de belangstelling voor zijn vinding is directeur Rooswinkel niet. Hij beseft dat hij niemand kan verhinderen een artikel te schrijven over zijn door hem zelf aan de buitenwereld prijsgegeven geesteskind om onderling afwijkende stenen te produceren, maar hij “wil andere steenfabriekanten liever niet op ideeën brengen”.

Hij is dan ook zeker niet bereid een verdere toelichting te geven bij de tekst van zijn octrooiaanvrage. En dat is jammer, want niet alles is even duidelijk en een interpretatiefout is gauw gemaakt.
Rooswinkel en Korevaar bedachten een werkwijze voor het produceren van homogeen gekleurde bakstenen die binnen een bepaalde productiebatch onderling in meerdere of mindere mate van kleur verschillen. Bijvoorbeeld uitgaande van een geelbakkende en een roodbakkende kleisoort.
Het simpelweg in een bepaalde verhouding een beetje slordig mengen van deze twee kleisoorten resulteert uiteindelijk in een partij gele stenen met rode stukken en rode stenen met gele plekken. En dat is niet goed, want elke steen moet “een in hoofdzaak homogene kleur vertonen.”
De twee kleisoorten in een bepaalde verhouding goed mengen levert inderdaad een homogene kleur op, maar dan zie je verder weinig verschillen tussen de stenen onderling. En dan ben je nog steeds gedwongen verschillende batches te produceren, in verschillende kleiverhoudingen. Om daarna de egaal gekleurde stenen uit die partijen door elkaar te moeten mengen. Nogal tijdrovend.

Productiewijze
De uitvinders verwijzen in hun octrooitekst naar eerder geoctrooieerde aanpakken in binnen- en buitenland, waarbij het onduidelijk blijft of ze hun methode hebben bedacht vóór of na het raadplegen van de octrooiliteratuur.
Hun eigen productiewijze komt neer op het bij elkaar laten komen van een stroom roodbakkende en een stroom geelbakkende klei op weg naar een perskuip of een strengpers. En daarbij variëren ze de hoeveelheden van de twee kleisoorten.
Bijvoorbeeld eerst een tijdje 20 procent van de ene soort en 80 procent van de andere, en daarna een tijdje een verhouding van 40 en 60. Zo ontstaan in de kleistroom naar de pers zones met verschillende verhoudingen tussen de door elkaar liggende kleisoorten.
Dit inhomogene mengsel wordt in een perskuip met meerdere schoepen of drukvinnen goed gemengd, waarbij die verschillende zones redelijk goed intact blijven en de twee soorten klei binnen zo’n zone een mooi homogeen mengsel vormen. Bovendien ontstaan tussen de verschillende kleurzones mooie, geleidelijke overgangen. Na het drogen en bakken heb je een partij stenen met homogene kleuren die geleidelijk in elkaar overlopen.

Vakman
De octrooitekst beschrijft verscheidene uitvoeringen van deze nieuwe productiemethode. In de eerst beschreven methode gaan de twee kleisoorten na elkaar door een enkele tonrasp, waarna “een vakman die het verschil tussen de eerste en de tweede kleisoort kan onderscheiden” de beide soorten elk naar zijn eigen mengkuip met wormwiel doorstuurt.
Na die kuipen komen de twee kleistromen weer bij elkaar en zorgen niet nader toegelichte “besturingsmiddelen voor het in de tijd regelen van de toevoer van geelbakkende en/of roodbakkende klei aan de processtroom”.
Bovengenoemde vakman is essentieel in het proces, want geel- en roodbakkende kleisoorten blijken ongebakken niet zo makkelijk van elkaar te onderscheiden.
Veel minder woorden maken de uitvinders vuil aan een tweede methode, waarbij elke kleisoort gewoon eerst door zijn eigen tonrasp gaat en daarna door zijn eigen mengkuip. Pas daarna komen de kleistromen bij elkaar en gaan de eerder genoemde besturingsmiddelen weer aan de slag. Duidelijk eleganter.
Nog mooier is de opstelling waarbij de kleistromen van deze tweede methode elk via een afzonderlijke transportband uitmonden bovenin de perskuip. De kleiverhoudingen zijn dan eenvoudig te variëren door de transportbanden afwisselend af en toe wat sneller of langzamer te zetten. Zeer elegant.