Praktijkproeven met hergebruik van vermalen gekleurde glasscherven in beton, baksteen en wegenbouwmaterialen hebben in Denemarken positieve resultaten te zien gegeven.
Na een uitvoerig onderzoek in Denemarken is de conclusie dat de toepassing van glasafval in bouwmaterialen geen problemen hoeft op te leveren, technisch noch economisch.
Dat staat in een rapport van de rijksmilieudienst, de initiatiefnemer achter het onderzoek, dat werd uitgevoerd door het Teknologisk Institut (TI) en een serie partners uit het bedrijfsleven, waaronder aanlegbedrijf NCC en beton- en cementfabrikant Aalborg Portland.
Motief voor het onderzoek is dat er per jaar bij de inzameling van flessen zo’n 15.000 ton gekleurde scherven overblijven, die om diverse redenen niet kunnen worden omgesmolten tot nieuw glas, voornamelijk omdat de markt daarvoor niet groot genoeg is.
Economisch gezien kan het glas in vermalen toestand diverse andere grondstoffen vervangen. Bij beton bijvoorbeeld vliegas, witte slakken en witte microsilica en bij baksteen zand en chamotte (gebrande vuurvaste klei). In de wegenbouw kan het worden toegepast bij de stabilisering van de bodem of niet-dragend vulmateriaal, aldus de bevindingen. Voor beton geldt trouwens wel dat er rekening moet worden gehouden met de nieuwe Europese standaarden omtrent de samenstelling. Als de vermalen scherven grondstof bij de baksteenproductie zijn, mag de baktemperatuur niet hoger zijn dan 975 graden Celsius.
Meld je aan voor onze nieuwsbrief
Elke werkdag het laatste nieuws in uw mailbox!
Aanmelden!Alleen de nieuwsbrief, geen spam

