De productie in de vijftien landen van de Europese Unie steeg in het vierde kwartaal van vorig jaar met 1,9 procent. Nederland blijft met een productiedaling van 1,2 procent nog achter.
In het eerste kwartaal van 2003 was in de EU nog sprake van een daling van 1,5 procent. Sindsdien vertoont de bouwomzet een stijgende lijn, zo blijkt uit de nieuwste cijfers van het Europese bureau voor de statistiek Eurostat.
In Duitsland, de grootste bouweconomie van Europa, bedroeg de daling in het vierde kwart van vorig jaar 0,7 procent. Daarmee lijkt het land zo langzamerhand uit de diepe crisis waarin het sinds 1995 verkeert. Buitengewoon goed deden het ook Luxemburg (+9,3 procent), Denemarken (+8,4) en Engeland (+7,1).
De bouw in Nederland, België en Portugal blijft vooralsnog in mineur. In België daalde de bouwproductie met 4,3 procent. In Portugal was de afname nog forser: 8,7 procent. Dat is opmerkelijk omdat in aanloop naar het Europees kampioenschap voetbal van komende zomer, diverse bouwwerken uit de grond zijn gestampt.
Minder
Het bouwvolume in Nederland daalde weliswaar wederom – met 1,2 procent – maar minder dan in de vorige vijf kwartalen. In het tweede kwart van vorig jaar zakte de productie nog met 7,8 procent. De grond-, water- en wegenbouw in Europa kent na een viertal moeilijke kwartalen ook weer een omzetgroei. De productie in de EU-landen steeg met 0,8 procent. Denemarken deed het het best van allemaal, met een groei van maar liefst 15,8 procent. Ook in Duitsland is herstel op de gww-markt zichtbaar. De productiedaling kwam uit op 0,6 procent. Dat is stukken beter dan in de voorgaande kwartalen.
De Nederlandse gww-productie zat met een toename van 1,4 procent boven het Europese gemiddelde. Dat lijkt in tegenspraak met de sombere geluiden die voortdurend uit de gww-hoek klinken, maar is het niet. Grote delen van infrastructurele werken als de hsl en de Betuwelijn zijn opgeleverd en opgenomen in de productiecijfers.
In de burgerlijke- en utiliteitsbouw groeide het bouwvolume in de EU met 1,7 procent. Ook hier zijn België (-3,7), Nederland (-2,2) en Portugal (-8,3) spelbrekers met een dalende productie. Met name de kantorenmarkt is in deze landen verslechterd. Luxemburg voert in de b&u-sector de ranglijst aan met een stijging van dik 11 procent.
Uit de cijfers van Eurostat blijkt dat de bouwproductie in de landen die de euro voeren is gestegen met 0,4 procent. Dat de stijging in de eurozone minder hoog is dan in de Europese Unie komt vooral door Denemarken en Engeland, die de euro niet hebben ingevoerd, maar wel EU-lid zijn. Juist deze twee landen kenden in het vierde kwartaal een forse groei van de bouwproductie.
Meld je aan voor onze nieuwsbrief
Elke werkdag het laatste nieuws in uw mailbox!
Aanmelden!Alleen de nieuwsbrief, geen spam

