Alcan Nederland gaat fors uitbreiden. Tenminste, als het onwelkome bod van het Canadese moederconcern op de Franse branchegenoot Pechiney doorgaat. Vanuit het hoofdkantoor in Montreal liet de aluminiumreus deze week weten een slordige 3,4 miljard euro over te hebben voor zijn Franse concurrent. In Nederland is Pechiney samen met Corus de enige producent van het basismetaal aluminium.
Het hoofdkwartier van de Nederlandse vestiging van Alcan in Breda beschikt niet of dergelijk grootschalige productiecapaciteit. Op een fabriek in Veenendaal na, waar spuitbussen worden gemaakt, herbergt de onderneming in Nederland geen vestigingen waar daadwerkelijk bewerkt of onbewerkt aluminium wordt geproduceerd.
Alcan is in de bouw vooral bekend van Alucobond, een systeem voor gevelbekleding. Dit materiaal komt uit Singen in Zuid-Duitsland en wordt in Breda bewerkt voordat het door een aannemer of gespecialiseerd gevelbouwbedrijf op de gevel wordt bevestigd.
Daarbij geeft het bedrijf met in totaal zo’n 55 personeelsleden aan bouwers en architecten advies over hoe het materiaal toegepast kan worden. De in de bouw veel gebruikte aluminium profielen worden ook door Alcan geleverd, maar die koopt de Brabantse vestiging op zeven verschillende locaties in het buitenland.
De Nederlandse vestiging van Pechiney zit met een aluminium fabriek in Vlissingen helemaal aan het begin van de productieketen. Met 750 mensen maakt het bedrijf jaarlijks 215.000 ton aluminium. ‘s Lands andere aluminiumproducent Corus heeft in Delfzijl een installatie met een volume van ongeveer 110.000 ton. Ter vergelijking: Alcans wereldwijde productie van primair aluminium liep in 2002 op tot 2,2 miljoen ton.
De grote hoeveelheden stroom die nodig zijn voor de productie betrekt Pechiney van de kerncentrale in Borsele. De grondstof aluinaarde, dat in het roze gesteente bauxiet zit, wordt vanuit de hele wereld in Zeeland aangevoerd.
Vier bedrijven in Nederland zorgen voor de verwerking van het basismetaal tot profielen, dat in vaktermen extrusie heet. De Amerikaanse aluminiumgigant Alcoa doet dat vanuit drie vestigingen in Drunen, Roermond en Harderwijk. Nedal zit in Utrecht, Sapa in het Groningse Hoogezand en Boal in het bij Den Haag gelegen De Lier.
Net als de markt voor grondstoffen van aluminium is de markt voor producten van het lichte metaal erg internationaal. Standaard profielen worden daarbij steeds vaker in Oost-Europa of Azië geproduceerd waar lage lonen de kosten beperkt houden.
Een succesvolle machtsgreep van Alcan bij Pechiney zal de markt dan ook niet echt op zijn kop zetten. Wel blijven er wereldwijd maar weinig producenten over. Alcan moet dan nog slechts concurreren met het bijna even grote Amerikaanse Alcoa, het Scandinavische Norsk Hydro en het in de aluminiumwereld inmiddels relatief kleine Brits-Nederlandse Corus.
De dans om het veelzijdige metaal is daarmee nog niet afgerond. Gisteren deed Pechiney voor de tweede keer een bod op de aluminiumactiviteiten van Corus.
Meld je aan voor onze nieuwsbrief
Elke werkdag het laatste nieuws in uw mailbox!
Aanmelden!Alleen de nieuwsbrief, geen spam

