Aannemers zullen hun omzet in toenemende mate uit andere activiteiten dan pure bouw halen. Aan de voorkant van de bouwketen zullen ontwerp en engineering toenemen, aan de achterkant onderhoud en beheer inclusief facilitaire diensten.
Uit onderzoek van zakenbank Kempen & Co naar grote bouwbedrijven blijkt dat in een aantal landen duidelijke verschuivingen zichtbaar zijn in de plaats van de aannemers in de bouwketen.
In landen waar private financiering van overheidsvastgoed al tijden in is, de pfi-projecten in Engeland dus, of waar het concessiemodel in de infrastructuur werkt, vooral in Spanje, is de verschuiving het beste zichtbaar.
“Kijk bijvoorbeeld maar naar het Britse AMEC. Ooit begonnen als lokale bouwer, maar inmiddels getransformeerd naar een internationale integrale dienstverlener. In 1997 haalde het bedrijf 67 procent van zijn omzet uit pure bouw. In 2002 is dat gezakt naar 55 procent. Daar staat tegenover dat de 45 procent andere activiteiten, een hogere marge opleveren. De diensten leveren 62 procent van het totale bedrijfsresultaat”, vertelt Laurens van Asselt, de bouwman van de afdeling corporate finance van Kempen.
In Duitsland is bij een enkel bedrijf eenzelfde soort verschuiving zichtbaar, vooral bij Bilfinger Berger. Dit bedrijf haalde in 1999 nog 90 procent van zijn omzet uit pure bouwactiviteiten. In 2003 schat Kempen dat nog maar 72 procent uit bouw komt. De grote verschuiving zit hier niet in uitbreiding van de diensten, maar in meer milieuwerk.
Verschuiving
Bij Hochtief heeft zich een geografische verschuiving voorgedaan. Vanwege de slechte bouwmarkt in Duitsland heeft dit bedrijf het gezocht in omzet halen in het buitenland. De Duitse omzet is daardoor gedaald van 68 procent in 1999 naar 12 procent in 2002.
Ook bij het Franse Bouygues is de omzet behoorlijk veranderd. Bouw maakte zo’n 70 procent van de omzet uit. Dat is gedaald naar 64 procent. Bij Bouygues staat daar een stijging van de omzet in Telecom tegenover, een tak van sport die verder nauwelijks een Europese bouwer bedrijft.
Ook in Nederland ziet Kempen al een verschuiving. Bedrijven als BAM, Heijmans en Volker Wessels hebben zich in toenemende mate ook gericht op de voorkant van de keten, de projectontwikkeling.
“Maar er gaat nog meer gebeuren”, verwacht Van Asselt. Er is sprake van een terugtredende overheid, de vraag naar totaaloplossingen neemt toe zoals in de Harnaschpolder, nieuwe aanbestedings- en contractvormen doemen op en het partnershipmodel doet zijn intrede.
“Het zijn marktontwikkelingen die de behoefte aan activiteiten in de gehele bouwketen doet toenemen”, zegt Van Asselt. Dat kan op twee manieren, zelf expertise in huis halen of strategische allianties aangaan met gespecialiseerde partners.
Meld je aan voor onze nieuwsbrief
Elke werkdag het laatste nieuws in uw mailbox!
Aanmelden!Alleen de nieuwsbrief, geen spam

