Enkel architecten zijn momenteel onderworpen aan een verplichte aansprakelijkheidsverzekering. NAV, de Vlaamse Architectenorganisatie, vraagt ook een verplichte verzekering voor bouwbedrijven. Bouwunie ziet dit niet zitten. Er is geen nood aan dergelijke verplichte verzekering die bovendien de kosten voor de bouwlustige weeral verhoogt. De architecten moeten zich trouwens realiseren dat hun aansprakelijkheid enkel op het spel staat als zij zelf een fout hebben begaan. Ligt het probleem bij de aannemer, dan hoeft de architect niets te vrezen.
De architecten pleiten voor een wettelijke verplichting voor aannemers om zich, net zoals hen, te verzekeren voor hun verschillende vormen van aansprakelijkheid. Bouwunie is tegen dergelijke verplichting.
In tegenstelling tot de architecten kunnen aannemers de gevolgen van hun fouten zelf rechtzetten. Zij zijn trouwens voor ernstige fouten 10 jaar aansprakelijk. Als de fouten duidelijk zijn, doen aannemers die te goeder trouw handelen er alles aan om deze zo snel mogelijk recht te zetten, in onderling overleg met de klant en zonder veel formaliteiten. Dit zal met een verplichte verzekering niet meer het geval zijn, omdat de aannemer dan naar zijn verzekering zal moeten verwijzen. De klant gaat door een verplichte verzekering dus zeker niet sneller of beter geholpen zijn. Bovendien gaat hij voor zijn bouwproject meer moeten betalen, omdat de aannemer de meerkost die de verzekering meebrengt uiteraard zal doorrekenen. Voor een doorsnee woning gaat het hier al gauw om zo'n 600 euro. De bouwlustige consument zal dan na de intrede van de veiligheidscoördinatie en de energieprestatieregelgeving, weeral dieper in zijn portemonnee moeten tasten.
Bouwunie vreest bovendien dat dergelijke verplichte verzekering het zwartwerk aanmoedigt. De ervaring leert dat verzekeringsmaatschappijen voor de uitbetaling van schadegevallen geen factuur (uitgereikt door een geregisteerd aannemer) en betalingsbewijs vragen. De klant is dan geneigd om een goedkoop klusser te zoeken om de herstellingswerkzaamheden uit te voeren.
De verplichte aansprakelijkheidsverzekering is niet dé probleemoplosser bij schadegevallen. Het is niet ondenkbaar dat verzekeraars zullen trachten om de dekking te beperken. Wanneer ze bijvoorbeeld stipuleren dat er slechts dekking voor vochtschade is nà de eerste 2 jaar, zal dit een lege doos zijn. Vochtschade doet zich immers vooral voor vlak na het beëindigen van de bouw.
Bovendien zal een verplichte verzekering het aantal schadeclaims fors doen stijgen. Na 9,5 jaar doet de consument wellicht een schade-ronde. "Het is toch verzekerd."
Ook de verzekeraars hebben zich negatief uitgesproken over dergelijke verzekering, in de eerste plaats omdat ze dan de kwaliteit van de aannemer moeten waarborgen. Als het de bedoeling is om aan kwaliteitswaarborging te doen, kunnen hiervoor andere instrumenten worden ingeschakeld zoals de vestigingswetgeving die nu herzien wordt.
Bouwunie is niet doof voor de roep naar een oplossing voor bouwfouten. Een verplichte verzekering biedt evenwel geen oplossing.
Bouwunie is alleszins bereid te praten over een aansprakelijkheidsverzekering en vraagt om het debat op rationele en niet op emotionele gronden te voeren. Een ongenuanceerde verplichting is uit den boze.
Meld je aan voor onze nieuwsbrief
Elke werkdag het laatste nieuws in uw mailbox!
Aanmelden!Alleen de nieuwsbrief, geen spam

