Algemeen

Solidariteitsbijdrage bedrijfsvoertuigen is extra last bouw

Het huidige systeem van solidariteitsbijdragen op bedrijfsvoertuigen (gebaseerd op de fiscale regels) is niet van toepassing op bedrijfscamionettes van minder dan 3,5 ton. Het nieuwe is dit mogelijk wel. De teksten zijn niet duidelijk en laten een interpretatie toe waardoor ook de camionettes in de bouwsector onder deze regeling vallen. Indien dit zo is, zullen bouwondernemingen naast de solidariteitsbijdragen die ze betalen op de personenwagens en wagens voor dubbel gebruik, ook een bijdrage moeten betalen voor alle voertuigen die vallen onder de zogenaamde "lichte vracht". Een regelrechte lastenverhoging voor de bouwsector met andere woorden. Deze verhoging stelt zich des te scherper omdat de bouw dé sector bij uitstek van collectief vervoer van personeel met bedrijfsvoertuigen is. Dit vervoer vindt meestal plaats buiten de arbeidsuren.

Op basis van een kleine bevraging van haar leden heeft de Bouwunie becijferd dat de nieuwe solidariteitsbijdrage een gemiddelde kostenstijging van 880 euro voor de kleinste ondernemingen met zich kan meebrengen, en van 4.400 euro voor de kleine en middelgrote ondernemingen. Bij grotere KMO's die veel ploegen van 3 à 4 werknemers op de baan hebben, kan de factuur nog oplopen, tot 35.000 euro en meer.

De Bouwunie vraagt dat voertuigen van minder dan 3,5 ton die uitsluitend gebruikt worden voor het vervoer van personeel en materiaal van en naar de werf, duidelijk uitgesloten worden van het toepassingsgebied van de nieuwe solidariteitsbijdragen. Hierbij moet volgens de Bouwunie abstractie gemaakt worden van het feit dat een werknemer, die dergelijk voertuig bestuurt, hiermee ook naar huis rijdt of dat dit vervoer buiten de eigenlijke arbeidsuren valt.