DEN HAAG - De totale omvang van de schade die de overheid, oftewel de Nederlandse belastingbetaler, heeft geleden door geheime prijsafspraken van bouwbedrijven, is nooit meer exact vast te stellen.
Dat schrijft het kabinet in een reactie op het eindrapport van de commissie-bouwnijverheid, die de bouwfraude onderzocht.
Volgens het kabinet kunnen het openbaar ministerie en de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa), die nog onderzoek naar de bouwfraude verrichten, nog wel in sommige, individuele zaken een inschatting van de schade maken. Maar de totale omvang is niet meer precies boven water te halen, schrijft minister Kamp (Volkshuisvesting) namens het kabinet aan de Tweede Kamer.
Aan de hand van de uitkomsten van de onderzoeken van justitie en NMa bekijkt het kabinet of de schade in bepaalde gevallen kan worden verhaald. Een schikking die door alle frauderende bedrijven moet worden betaald, is daarbij geen optie. „Het recht moet zijn loop hebben. Hierin past geen schikking voor de gehele sector, aldus het kabinet.
Nog dit jaar worden de aanbestedingsregels voor bouwprojecten aangescherpt. Gemeenten, provincies en het Rijk moeten zich daaraan houden, maar ook van de bouwsector wordt veel verwacht. „Eerlijke concurrentie en gezonde marktwerking zullen voortaan voor de sector het uit gangspunt moeten zijn, aldus het kabinet.
Het opstellen van een zwarte lijst met daarop alle 'foute' bouwbedrijven is volgens het kabinet in strijd met de Europese richtlijnen. Wel moeten overheidsorganisaties in de toekomst bedrijven bij aanbestedingen kunnen weren.
Meld je aan voor onze nieuwsbrief
Elke werkdag het laatste nieuws in uw mailbox!
Aanmelden!Alleen de nieuwsbrief, geen spam

