Wie een overeenkomst afsluit met een aannemer (bouw, elektro of schoonmaak) moet sinds 1 januari nagaan of die aannemer sociale schulden heeft. Is dit het geval dan is de opdrachtgever (met uitzondering van particuliere opdrachtgevers) hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van die schulden. Als de aannemer (nog) sociale schulden heeft op het ogenblik van de uitbetaling van diens factuur, dan moet de opdrachtgever 35% van dit bedrag inhouden en doorstorten aan de RSZ. Deze regeling vervangt de regeling waarbij de opdrachtgever moest nagaan of de aannemer al dan niet geregistreerd was. Deze wijzigingen zijn gepubliceerd in het Belgische Staatsblad van 31 december 2007. Bouwunie, de bij Unizo aangesloten Unie van het KMO-bouwbedrijf, heeft alvast haar leden-aannemers uitvoerig geïnformeerd over deze nieuwe regels. Maar ook andere bedrijven hebben er alle belang bij om deze te kennen.
De registratie als aannemer speelt sinds 1 januari geen rol meer in de hoofdelijke aansprakelijkheid en inhoudingsplicht van de opdrachtgever. Het al dan niet hebben van sociale schulden, staat voortaan centraal.
Wat verandert er:
Wie een overeenkomst afsluit met een aannemer is niet meer verplicht na te gaan of de aannemer al dan niet geregistreerd is. De opdrachtgever moet voortaan nagaan of de aannemer geen sociale schulden heeft. Hij raadpleegt daarvoor de website van de RSZ – www.socialsecurity.be. Leden van Bouwunie beschikken over een eigen toepassing op de website van Bouwunie.
Wie een beroep doet op een aannemer die sociale schulden heeft op het ogenblik van het afsluiten van de overeenkomst, is hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van die schulden. De hoofdelijke aansprakelijkheid is vastgelegd op 100% van de totale prijs van de werken (exclusief BTW) die aan de aannemer werden toevertrouwd (dit is dus meer dan de vroegere 85%).
De hoofdelijke aansprakelijkheid is ook van toepassing op schulden die ontstaan in de loop van de uitvoering van de overeenkomst.
Bij de uitbetaling van de factuur zal de opdrachtgever ook steeds op de website van de RSZ moeten nagaan of de aannemer op dat ogenblik geen sociale schulden heeft. Wanneer er sociale schulden zijn, moet de opdrachtgever 35% van het verschuldigde bedrag (exclusief BTW) inhouden en doorstorten aan de RSZ (d.i. de inhoudingsplicht).
Het bedrag van maximum 35% wordt beperkt tot het bedrag van de schulden op het ogenblik van de betaling. Aan de hand van een attest (al dan niet verplicht te vragen door de opdrachtgever) wordt het uiteindelijke door te storten bedrag bepaald (zie voorbeeld achteraan dit bericht).
Wanneer de inhoudingen en doorstortingen correct zijn gebeurd bij elke betaling van een factuur, vervalt de hoofdelijke aansprakelijkheid. Dit is nieuw en zeker een verbetering ! (Te weten: vroeger werden de inhoudingen enkel in mindering gebracht.)
Belangrijk om melden is dat deze reglementering niet van toepassing is op de opdrachtgever-natuurlijke persoon die werken voor uitsluitend privé-doeleinden laat uitvoeren! Dus wel op bv. de bakker die werken laat uitvoeren aan zijn bakkerij, de bank die de kantoren laat schoonmaken door een kuisfirma, de dokter die in zijn praktijk elektriciteitswerken laat uitvoeren, een patrimoniumvennootschap die werken laat uitvoeren aan appartementen die worden verhuurd, ... Met andere woorden: alle opdrachtgevers behalve particulieren moeten er rekening mee houden !
Vanaf 1 januari 2009 zal een gelijkaardige regeling (hoofdelijke aansprakelijkheid én inhoudingsplicht) gelden voor de fiscale schulden. De fiscus was nu nog niet klaar met haar website.
De hoofdelijke aansprakelijkheid en de inhoudingsplicht gelden ook voor wie een beroep doet op een buitenlandse aannemer. Diens gegevens zijn niet terug te vinden op de website van de RSZ (en later die van de fiscus). Om na te gaan of een buitenlandse aannemer geen sociale schulden heeft, moet de opdrachtgever voor alle in België werkzame werknemers van deze aannemer het detacheringsformulier E101 te zien krijgen (en best kopiëren) en een bewijs van de P.D.O.K. (Patronale Dienst voor Organisatie en Controle, instelling die door het Fonds voor Bestaanszekerheid van de bouw speciaal werd belast met het beheer van weerverlet- en getrouwheidszegels voor de arbeiders) om aan te toneen dat de aannemer daar geen schulden heeft. Legt de buitenlandse aannemer niet al deze documenten voor, dan moet de opdrachtgever inhoudingen doen.
Deze regeling betekent niet dat de registratie als aannemer overbodig wordt. Deze blijft onder meer noodzakelijk voor toepassing van het verlaagd BTW-tarief van 6% voor het laten uitvoeren van renovatiewerken en voor toekenning van bepaalde premies en belastingverminderingen. Enkel klanten die een beroep doen op een geregistreerde aannemer kunnen van deze voordelen genieten.
Voorbeeld in te houden bedrag
Factuur verschuldigd van 5.000 euro en aannemer heeft schulden
o Opdrachtgever houdt 35% in, 1.750 euro, en stort dit door aan de RSZ
o Aannemer moet niet voorafgaand verwittigd worden
o Aannemer KAN attest voorleggen waaruit blijkt dat zijn schuld kleiner is dan 1.750 euro en vragen de inhouding te beperken tot het bedrag van de schulden.
Factuur verschuldigd van 10.000 euro en onderaannemer heeft sociale schulden
o Opdrachtgever MOET attest vragen aan de aannemer
o Aannemer geeft attest niet binnen de 30 dagen: inhouding van 35%: 3.500 euro
o Aannemer geeft attest en schuld is meer dan 3.500 euro: inhouding van 3.500 euro
o Aannemer geeft attest en schuld is 2.000 euro: inhouding beperken tot 2.000 euro
o Aannemer deelt mee dat mag worden ingehouden: 3.500 euro inhouden.
(De grens tussen beide voorbeelden ligt bij een factuur van 7.143 euro)
Meld je aan voor onze nieuwsbrief
Elke werkdag het laatste nieuws in uw mailbox!
Aanmelden!Alleen de nieuwsbrief, geen spam

