Algemeen

Misère domineert bouwsector

AMSTERDAM, DEN HAAG - De Nederlandse bouwbedrijven draaien de laatste maanden massaal verlies op projecten als de aanleg en het onderhoud van wegen. Een reeks faillissementen ligt op termijn voor de hand, verwachten deskundigen.

Beursanalisten en werkgeversverenigingen maken zich zorgen waartoe de huidige marktontwikkelingen leiden. Uit een rondgang van de branchevereniging Vianed onder de leden blijkt dat de bouwbedrijven op grond- weg- en waterbouwprojecten op dit moment 10 tot 15 procent toeleggen.

Doordat de aannemers na het uitkomen van de bouwfraude stopten met het illegale prijsoverleg, is er sprake van chaos in de markt. Bouwers waren gewend onderling een 'keurige' prijs te regelen voor projecten en het werk onderling te verdelen. Op dit moment is het iedere bouwer voor zich.

In de verhoren van de parlementaire enquêtecommissie bouwnijverheid werd al gewezen op dreigende problemen. Voor Vianed was dat aanleiding te gaan peilen: Woordvoerder H. Dragt: ,,Landelijk is het beeld dat er tot 15 procent onder de kostprijs wordt ingeschreven op bouwprojecten. De problematiek speelt onder zowel kleine, middelgrote als grote bedrijven.''

Ook analisten spreken over een negatieve spiraal waarin de sector zich lijkt te bevinden. ,,Er is sprake van een patstelling'', reageert R. Verhoef die de bouwsector voor financieel concern Fortis analyseert. ,,De ondernemingen zitten in een situatie waarin onduidelijk is wat de concurrentie doet, waarin de stroom opdrachten stagneert doordat ambtenaren een afwachtende houding aannemen en waarin de conjunctuur tegenzit. Als dit te lang doorgaat zullen de zwakkere broeders afvallen''.

Dragt wijst overigens op eerdere moeilijke periodes in de bouw: ,,Gebleken is dat de sector een behoorlijke mate van flexibiliteit aan de dag kon leggen. Maar goed, je kunt op de vingers natellen dat wanneer de bedrijven voor een langere periode onder de kostprijs werken, ze dat niet volhouden.''

,,Dit gaat nog wel een tijdje duren'', vreest Verhoef. ,,Eerst het einde van de verhoren, dan moet er nog een rapport komen en dan moet de politiek er nog eens over gaan praten. Uiteindelijk moet er dan weer een duidelijke situatie komen, waarin de relatie aannemer-overheid helder is.''

Analist Verhoef ziet overigens wel een mogelijk positieve kant aan de dreigende stroom faillissementen. ,,Familiebedrijven kunnen klappen veel moeilijker opvangen dan de grote, beursgenoteerde ondernemingen die meer kapitaal achter de hand hebben en bovendien hun activiteiten over vele sectoren hebben gespreid. Voor de laatsten worden de kleine bedrijven een mooie overnameprooi.''