Algemeen

Hulp bij de realisatie van een klimaatinstallatie

Het realiseren van een klimaatinstallatie gaat nog lang niet altijd vlekkeloos. Zeker het automatisch laten functioneren is niet eenvoudig en leidt in veel gevallen tot problemen. Zowel tijdens de bouw maar ook daarna blijkt met regelmaat dat installaties niet voldoen aan de verwachte functionaliteiten. Een belangrijke reden voor deze problemen is dat er onvoldoende afspraken zijn over de gegevens die de werktuigkundig ontwerper moet vastleggen en doorgeven aan de automatiseerder. Deze ontwerpt op basis hiervan de automatiseringsinstallatie.

De nieuwe ISSO-publicatie 69 biedt mogelijkheden om bovengenoemde problemen te voorkomen. De publicatie geeft een model voor de beschrijving van de werking van een klimaatinstallatie. Dit Model voor Functioneel Ontwerp is een methode waarmee de werktuigkundig ontwerper vastlegt op welke wijze de klimaatinstallatie moet functioneren. Met deze gegevens realiseert de automatiseerder in samenwerking met de werktuigkundig ontwerper de automatisering van de klimaatinstallatie.p Door te werken met het Model voor Functioneel Ontwerp dient de werktuigkundig ontwerper bij elke stap na te denken over automatisering van het proces. Het is daarom meer dan alleen de grootte van de luchtverwarmer bepalen. Om het denkproces over automatiseren concreet te maken, definieert ISSO-publicatie 69 zes automatiseringsfuncties. Die moet men stapsgewijs invullen als men een component of installatiedeel aan de installatie toevoegt.

Om het werken met het Model voor Functioneel Ontwerp te vergemakkelijken is in de publicatie een uitgewerkt voorbeeld toegevoegd dat als leidraad kan dienen.

De nieuwe ISSO-publicatie 69 (ISBN 90-5044-096-7) is te bestellen bij ISSO via de webwinkel op www.isso.nl.