Vastgoed

Hoogleraar: woningmarkt komt in grote problemen

Het kabinetsplan om in Nederland jaarlijks tachtig tot honderdduizend woningen te bouwen, is onhaalbaar. Dat stelt de Delftse TU-hoogleraar volkshuisvesting Peter Boelhouwer vandaag in Het Financieele Dagblad. Over twee tot drie jaar ontstaat volgens de onderzoeker een groot tekort aan huizen, aangezien het aantal huishoudens blijft groeien.

De bouwgrenzen van de Vinex-locaties komen steeds meer in zicht, stelt Boelhouwer die als woningbouwdeskundige de PvdA adviseert. "Nog een kwart van die ruimte kan worden bebouwd." De overheid zet daarom steeds meer in op het bouwen in steden. Dit is veel minder rendabel omdat de grondprijzen duurder zijn en de bouwkosten hoger.

Ook zijn kosten voor aanbestedingen volgens de woningbouwdeskundige met een kwart gestegen. Dat maakt het lastiger om rendabel te kunnen bouwen. Boelhouwer verwacht dat dit volgend jaar in de bouwproductie is te merken.

Volgens de wetenschapper wil de consument tegenwoordig ook niet meer in grote dure appartementencomplexen wonen. Hierdoor worden bouwplannen voor grote, hoge wooncomplexen verruild voor kleinschalige plannen. Ook hierdoor zal volgens Boelhouwer de woningproductie lager uitkomen.

Boelhouwer hekelt de beperkte huurverhoging die het kabinet heeft vastgesteld. De komende jaren wordt slechts de inflatie gevolgd. Volgens de wetenschapper leidt dit tot een rem op de investeringscapaciteit.

Ook heeft de hoogleraar geen goed woord over voor het 'denkverbod' op de hypotheekrenteaftrek. Daarmee doelt hij op de afspraak in het regeerakkoord om de komende vier jaar niet te tornen aan de renteaftrek. "Het kabinet steekt uit politieke overwegingen voor vier jaar zijn hoofd in het zand."