Naar aloude traditie en gerustgesteld door gewestelijke akkoorden tussen de sociale gesprekspartners, sluit onze sector de meeste bouwplaatsen omstreeks 10 juli tot begin augustus. Een welverdiende vakantie dus voor meer dan 180.000 werknemers, van wie de productiviteit en de knowhow tot de hoogste van Europa behoren.
De aannemers en hun werknemers zijn wellicht meer tevreden over de economische verwachtingen dan in dezelfde periode van vorig jaar. De bouwactiviteit heeft zich de jongste maanden immers hersteld, aangezien het jaar 2003 werd afgesloten met een groei van 1,3%, na een lange periode (5 kwartalen) van recessie. Deze opflakkering is voornamelijk te danken aan de goede prestaties van de sector gebouwen, en vooral aan de renovatie, die met 12% is toegenomen in de woningbouw en met 6% in de niet-woningbouw.
Maar dit betekent nog niet dat alles rooskleurig is. In de woningbouw wordt de komende maanden wel een toename van de activiteit verwacht, maar andere grote segmenten van de bouwactiviteit vertonen nog steeds een terugval. Dit is onder meer het geval met de burgerlijke bouwkunde, die met 12% is gedaald ten opzichte van 2000, en waar vandaag nog geen enkele verbetering valt te bespeuren. Vooral de deelsector wegenwerken heeft te lijden onder de achteruitgang van de activiteit die nu zo'n vier jaar lang aanhoudt.
Meer overheidsinvesteringen
De Confederatie en haar partners van "Synergie Bouw" hebben er enkele maanden geleden aan herinnerd, bij de start van dit nieuw bouwplatform van aannemers, producenten en handelaars in materialen: de bouwbehoeften in ons land zijn enorm op verscheidene gebieden: de infrastructuur, onder meer van de wegen, waarvan de kwaliteit fors is gedaald, de inrichting van openbare ruimte en gebouwen of het beheer van de hulpbronnen.
Men moet voor een ambitieus beleid voor openbare werken de nodige middelen vrijmaken en meer durven investeren, want zelfs met een zwakke begrotingsmarge moet men rekening houden met het terugverdieneffect van dit soort investeringen op groei en tewerkstelling.
De gewestregeringen die nu worden gevormd, zouden hier aandacht aan moeten besteden: meer investeren, maar ook de inspanning beter verdelen, onder meer door een betere programmering van de investeringen, een efficiënte coördinatie van het economisch beleid van de verschillende bestuursniveaus en meer samenwerkingsverbanden met de privé-sector.
Meer werkgelegenheid
In februari 2004 heeft Synergie Bouw aan de regering een aantal maatregelen voorgesteld om in de bouw 20.000 extra banen te creëren. Dit is geen slogan. Het bureau McKinsey bevestigt in zijn rapport van eind juni 2004 "Prospero: een nieuwe impuls voor economische welvaart in België" dat de bouw – in tegenstelling tot de industrie, die in vijftien jaar 200.000 banen heeft verloren – een sector blijft met nog veel mogelijkheden voor het creëren van werkgelegenheid.
Zowel Synergie als McKinsey wijzen er echter op dat dit potentieel maar tot ontplooiing kan komen in een gunstig sociaal-economisch klimaat, met andere woorden gesteund door maatregelen die de arbeidsmarkt stimuleren, de sociale kosten verlagen, de administratieve lasten verminderen, enz.
Bestrijding van zwartwerk: een benadering op basis van controle, fiscaliteit, arbeidstijd…
Alvorens aan meer jobs te denken, moet men natuurlijk de voorwaarden creëren voor een duurzame groei. McKinsey stelt hiertoe een aantal maatregelen voor, zoals de verlaging van de Staatsschuld, het beheersen van de pensioenkosten en de geneeskundige verzorging, het nemen van fiscale maatregelen, maar ook een verkleining van de omvang van de zwarte economie.
De Confederatie Bouw staat volledig achter deze zienswijze. Het actieplan tegen zwartwerk in de bouw, dat zij in september 2002 heeft aangenomen, sluit aan bij de concrete voorstellen van Prospero, zoals meer controle en sancties (nultolerantie), minder sociale bijdragen voor de ondernemingen, meer flexibiliteit in de arbeidsorganisatie, en fiscale stimuli voor particulieren, bijvoorbeeld door een grotere aftrekbaarheid van de onroerende kosten (Confederatie) of een BTW-aftrek (McKinsey).
De BTW mag geen instrument worden voor de financiering van de sociale zekerheid
Het rapport Prospero wijst op de negatieve gevolgen van een verhoging van de BTW-tarieven voor de toename van de werkgelegenheid: een hogere BTW vermindert de koopkracht, wat de vraag doet dalen, maar ook de tewerkstelling en de toegevoegde waarde.
Wie denkt dat de verlaging van de werkgeversbijdragen voor sociale zekerheid moet worden gefinancierd door een verhoging van de BTW, zou beter hierover tweemaal nadenken.
Los van deze vaststelling, die de Confederatie volledig goedkeurt, pleit zij resoluut voor een BTW-verlaging op bouwwerken: zij beschouwt dit als een middel om de groei op lange termijn te steunen, vooral in de woningsector, om het zwartwerk te verminderen en om de werkgelegenheid te stimuleren.
In die context zou het goed zijn dat de Europese richtlijn over de harmonisatie van de BTW-tarieven, die thans wordt herzien, wordt aangenomen in de huidige fase van het ontwerp: uitbreiding van de verlaagde BTW-tarieven (6% bij ons), die nu zijn voorbehouden voor renovatiewerken aan woningen van meer dan 5 jaar, tot alle onroerende werken aan woningen, nieuwbouw inbegrepen.
Meld je aan voor onze nieuwsbrief
Elke werkdag het laatste nieuws in uw mailbox!
Aanmelden!Alleen de nieuwsbrief, geen spam

