Algemeen

De bouw, één van de meest performante sectoren

De bouw is en blijft een sterke sector die de motor vormt van de Belgische economie. Dat blijkt uit een studie rond KMO-financiering in de bouwsector die vandaag voorgesteld werd door Dexia en KeFiK. De Confederatie Bouw en haar federaties werkten mee aan de studie. De goede resultaten van de bouw op het vlak van economische groei werden opnieuw in de verf gezet. De bouwsector overtreft sinds twee jaar het gemiddelde van de rest van de economie en was in 2006 goed voor een stijging van de toegevoegde waarde met meer dan 8,5%. De groei van 7,7% zal de komende jaren afnemen, tot 3 à 4% voor 2007 en zelfs tot 0 à 2% voor 2008. Het wordt wel een zachte landing, want de terugval van de bouwvergunningen voor nieuwbouw wordt in 2007 gecompenseerd door de groeiende vraag in andere segmenten zoals de renovatie.

De goede resultaten van de bouw zijn ook voelbaar wat betreft de rentabiliteit en solvabiliteit van bouwondernemingen. Deze parameters zijn hoger in de bouw dan in de andere sectoren. De studie geeft wel aan dat 25% van de bouwbedrijven een minder goede rentabiliteit heeft, en dan vooral de starters. Deze bedrijven beheersen de beroepskennis wel zeer goed, maar missen vaak de knowhow over bedrijfsbeheer.

Daarom is de Confederatie bijzonder tevreden over de nieuwe wetgeving op de vestigingsreglementering die op 1 september jl. van kracht ging, en die op vraag van de Confederatie het bedrijfsbeheer, gericht op de bouw, centraal stelt.

Dan blijft er nog het probleem van de liquiditeiten van de ondernemingen. Dit heikel punt houdt verband met de specifieke problemen van prefinanciering van de bouwwerken (de aannemer wordt slechts betaald als de werken gerealiseerd zijn) en de laattijdige betalingen (voornamelijk voor overheidsopdrachten).

Dankzij de sterke solvabiliteit van de bouwbedrijven doen zij minder intensief beroep op krediet dan andere sectoren. Slechts de helft van de ondernemingen in de bouwsector heeft een krediet. De hoge graad van "zelf"financiering komt ook tot uiting in het gemiddeld bedrag van de toegestane kredieten (140.000 € t.o.v. 277.000 € gemiddeld) of het gebruik van de toegestane kredieten ( 30% t.o.v. 50% gemiddeld).

De Confederatie Bouw is tevreden met de besluiten die de sectorstudie Dexia-KeFik formuleert over de noodzaak van juridische instrumenten voor laattijdige betalingen, en de financiële waardering van het aannemersmaterieel bij kredietverstrekking. De waardering van het materieel is vaak slecht gekend of onbekend en wordt voor de waarborgen daarom niet in aanmerking genomen. De Confederatie is vragende partij voor het ontwikkelen van een index die de waarde van het materieel weergeeft.

De Confederatie Bouw heeft bovendien in haar Memorandum aan de Politieke partijen in juni jl.reeds voorstellen geformuleerd inzake de laattijdige betaling van overheidsopdrachten die heel wat aannemers in financieringsproblemen brengt en een groot probleem is in de bouwsector. Daarom ijvert de Confederatie voor de oprichting van een overheidsorgaan dat vervallen facturen snel moet betalen aan de ondernemingen en dat vervolgens het bedrag van de schuldvordering bij de in gebreke gebleven openbare opdrachtgever moet innen.

De KeFiK-Dexia studie bevestigt nogmaals en terecht dat de bouwsector een cruciale sector is voor de Belgische economie en één van de meest performante ook op financieel vlak, hetgeen maar al te vaak wordt miskend.