Bouwunie, de bij Unizo aangesloten Unie van het KMO-bouwbedrijf, breidt uit. Sinds kort timmert een nieuwe coördinator, Jo Kusseneers, aan de werking van Bouwunie in de provincie Vlaams-Brabant. Doel hiervan is het beter verdedigen van de belangen van de Vlaams-Brabantse en Brusselse bouw-kmo’s op regionaal niveau en het organiseren van beroepsspecifieke acties, info-sessies en evenementen. Bouwbedrijven uit dezelfde streek hebben dikwijls te maken met gelijkaardige problemen. Binnen de structuur van Bouwunie Vlaams-Brabant kunnen bouwbedrijven over de vakgrenzen heen ervaringen uitwisselen en samenwerken aan oplossingen. Voorzitter is Christel Wouters, zaakvoerster van bouwbedrijf Wocon NV uit Laken.
Bouwunie heeft nu in elke Vlaamse provincie een actieve vereniging.
Naar aanleiding van de lancering van Bouwunie Vlaams-Brabant nam Bouwunie de Vlaams-Brabantse bouwsector onder de loep. Een enquête bij de leden wijst uit dat de bedrijfsleiders van de Vlaams-Brabantse kleine en middelgrote bouwondernemingen optimistisch zijn over de conjunctuur. Het werkvolume zit goed, zowel op korte (eerste drie maanden van 2007) als langere termijn (najaar van 2007) en de tewerkstelling in de sector blijft op peil. De piek van de “hoogconjunctuur” lijkt wel voorbij. De prijzen die de aannemers voor hun werk kunnen aanrekenen, moeten duidelijk beter. Bovenaan het verlanglijstje van de ondervraagde aannemers staat dan ook een verlaging van de sociale lasten op de lonen. Hierdoor moet de kloof tussen het netto-uurloon van de klant en de kost van een arbeidsuur in de bouw nauwer worden. Andere belangrijke actiepunten voor Bouwunie Vlaams-Brabant zijn het zoeken naar oplossingen voor het tekort aan bouwvakkers, de dure bouwgronden en de oneerlijke concurrentie.
Vlaams-Brabant telt 7.397 bouwondernemingen (15,2% van het aantal bouwbedrijven in Vlaanderen), waarvan 2.314 met personeel (12,6% van Vlaanderen). Deze, vooral kmo’s, stellen 8.536 arbeiders tewerk (8,6% van Vlaanderen). Bouwunie Vlaams-Brabant heeft 900 leden. 120 van hen zijn vanavond aanwezig op de eerste “Bouwlounge Vlaams-Brabant”, een netwerkmoment voor de actoren uit de Vlaams-Brabantse bouwwereld. Gastspreker is minister Frank Vandenbroucke die in zijn toespraak inzoomt op de acties om de instroom van nieuwe arbeiders in de bouwsector op te krikken.
De Vlaams-Brabantse bouwbedrijven hebben momenteel veel werk. 25% van de ondervraagde bouwkmo’s heeft nu meer opdrachten dan in het vorige kwartaal en 17% verwacht nog meer werk in de eerste drie maanden van 2007. 12% van de bedrijven verwacht een daling in het werkvolume. Voor het najaar denkt 17% minder opdrachten te hebben, terwijl 8% dan duidelijk meer werk zegt te hebben. De voorspelde afkoeling van de bouwconjunctuur lijkt er dus in Vlaams-Brabant aan te komen hoewel de toestand nog niet onmiddellijk dramatisch te noemen is, aldus de aannemers (75% verwacht een status quo van het huidige hoge werkvolume).
Deze evolutie blijkt ook uit het aantal afgeleverde stedenbouwkundige vergunningen. Er werden in de provincie Vlaams-Brabant in de eerste 8 maanden van 2006 12,6% meer stedenbouwbouwkundige vergunningen voor nieuwe woningen uitgereikt dan in dezelfde periode van 2005: +48,4% voor appartementen (sterke stijging) en -11,0% voor eengezinswoningen (daling). Het aantal uitgereikte stedenbouwkundige vergunningen voor nieuwe niet-woongebouwen (kantoren, winkels) nam toe (+13,2% in de eerste 8 maanden van 2006 t.o.v. dezelfde periode 2005).
Voor renovatiewerken steeg het aantal uitgereikte stedenbouwkundige vergunningen met 6,9% voor woningen en daalde dit aantal met 3,1% voor niet-woongebouwen. Hierbij moeten we wel opmerken dat enkel voor doorgedreven renovatiewerken (bv. stuk bijbouwen) een stedenbouwkundige vergunning nodig is. Wie zijn badkamer of keuken compleet laat renoveren en moderniseren, heeft geen vergunning nodig. (Cijfers: Federale Overheidsdienst Economie, Afdeling Statistiek d.d. 22 januari 2007)
De grote activiteit in de bouwsector zorgt ervoor dat de tewerkstelling verzekerd blijft. 13% van de bouwondernemers heeft in de voorbije weken zelfs één of meer personeelsleden aangeworven. 8% denkt eraan dit in de komende maanden te doen. 8% is van plan om personeelsleden te ontslaan. Dat is niet zo veel en lijkt ook niet opportuun aangezien goede bouwvakkers schaars zijn, tenzij de persoon in kwestie niet voldoet of er echt minder werk is.
De prijzen die de aannemers voor hun werk kunnen aanrekenen, zijn volgens 17% van de ondervraagden gestegen, terwijl 21% van een daling spreekt. 17% denkt dat deze in het volgende kwartaal zullen stijgen, 25% verwacht een daling. De rentabiliteit van de bouwondernemingen is er verhoudingsgewijs beter aan toe. 21% spreekt van een verbetering, 17% van een vermindering. Op de vraag of de huidige prijzen winstgevend zijn, antwoordt 29% ja terwijl 67% gewoon break-even draait. 4% werkt dus met verlieslatende prijzen. Er is op dit vlak dus wel een serieuze verbetering noodzakelijk. De markt heeft er blijkbaar moeite mee om voor bouwwerkzaamheden de juiste prijs te betalen. Bouwen en renoveren is inderdaad niet goedkoop. De kloof tussen het netto-uurloon van de klant en de kost van een arbeidsuur in de bouw is en blijft erg groot. De vraag van Bouwunie naar lagere loonlasten, flexibelere arbeid, goedkopere overuren e.d. is dus zeker wel gerechtvaardigd.
Lagere sociale lasten op de lonen is ook wat met stip (score van 9,5 op 10) bovenaan het verlanglijstje van de ondervraagde Vlaams-Brabantse aannemers staat. De top vijf van maatregelen die de nieuwe federale regering (na de verkiezingen van juni) volgens hen zeker moet aanpakken, wordt aangevuld met “minder administratie” (9,3 op 10), “verlaagd btw-tarief voor (ver)nieuwbouw” (9,3 op 10), “verhoogde strijd tegen zwartwerk met o.a. een flexibelere werkregeling” (8,8 op 10) en “minder vennootschapsbelasting” (7,8 op 10).
De provincie telt enkele typische problemen. Een eerste dat voorzitter Christel Wouters aanhaalt, is het tekort aan bouwvakkers. Een diepgaande studie van het Fonds voor Vakopleiding in de Bouwnijverheid (FVB) toont aan dat jaarlijks een 1.000-tal nieuwe bouwvakarbeiders in de Vlaams-Brabantse bouwsector instromen waarvan slechts de helft geschoold is. Dat is niet veel. Zeker als je weet dat er jaarlijks ook een 1.000-tal ervaren arbeiders uitstromen. Het gevolg hiervan is dat de Vlaams-Brabantse bouwbedrijven niet kunnen groeien en dat op termijn ook de vervanging van hun huidige werknemersbestand in het gedrang komt.
Een ander probleem, dat zich in Vlaams-Brabant extra laat voelen, is de prijsstijging van de bouwgronden. In vijf jaar tijd is de prijs meer dan verdubbeld (+120% in Halle-Vilvoorde en +173% in het arrondissement Leuven) waardoor bouwgrond een flinke hap uit het budget van de bouwlustigen hapt.
Aanbevolen voor jou
Meld je aan voor onze nieuwsbrief
Elke werkdag het laatste nieuws in uw mailbox!
Aanmelden!Alleen de nieuwsbrief, geen spam

