Het universele bestanddeel heet ‘schoonheid’ – soms zelfs met alle vijf de zintuigen waar te nemen – poneert de constructeur, stedenbouwkundige, architect, docent en hoogleraar.
Het contextuele deel is meer intiem, het spreekt de menselijke ziel aan. Doorgaans nemen degenen voor wie de architectuur bestemd is alleen de (poging tot) ‘schoonheid’ waar. Het ‘zien’ van de context hangt af van de eigen culturele wortels en de psychische en fysieke conditie van de waarnemer.
Als onderscheidend kenmerk van harmonieuze architectuur noemt Samyn is de nauwe verbondenheid met de locatie, omgeving en samenleving waarvoor de architectuur is bedoeld. De constructie is – intellectueel gezien – altijd complex, zeker als de materialisatie ervan bijna simpel overeenstemt met de locatie. De droom van architect en constructeur is dan overigens wel uitgekomen.
Voor harmonieuze architectuur is het voor de meesten noodzakelijk, permanent kennis te verwerven om de ‘complexe intellectuele constructie’ te kunnen verfijnen. De bruikbare kennisvelden zijn talrijk. De meest noodzakelijk is engineering, in nauw verband met architectuur.
Voor een verrijkende dialoog met ander specialisten moet de architect wel kijk hebben op de fundamenten van hun kennisgebieden. Cultiveren van die inzichten biedt hem toegang tot ‘de intuïtie van de geïntegreerde conceptie’.
Meld je aan voor onze nieuwsbrief
Elke werkdag het laatste nieuws in uw mailbox!
Aanmelden!Alleen de nieuwsbrief, geen spam

